
‘Raad eens, wat ik aan het doen ben.’ ‘Nou?’ ‘Aan het stofzuigen!’ Het antwoord van A als ik haar bel om te vragen hoe het met haar is.
Als je ouder wordt, heb je vaak gesprekken over pijntjes en pijnen, kwalen, ziekte en dood. Een nieuwe heup hoort daar ook bij. Dat behoort tot de categorie: vervelend maar niet levensbedreigend. Voor vriendin A leek dat ook het geval. Maar dat liep anders. Er ging van alles mis, ze balanceerde zelfs op het randje van de dood op een bepaald moment. Er volgde een zwaar traject van herstel met ups en downs. Moeilijk was het om met haar mee te leven. Want A houdt er niet van over ziek-zijn te praten. Ik denk dat ze het liefst op een bepaald moment had meegedeeld: ‘ik heb laatst ook een nieuwe heup gekregen, het is goed gegaan, ik moet rustig aan doen maar ik ben vanmorgen al in huis aan het stofzuigen geweest. Mooi weer is het vandaag he?’ Ik probeerde mee te leven maar voelde aan dat ik niet te veel moest vragen. Gewoon doen en niet te zwaar maken. Aardig zijn was genoeg.
En nu hoorde ik dat ze aan het stofzuigen was. Ik vroeg me af welk huishoudelijk werk ik het eerst zou oppakken na een hele tijd van ‘niks kunnen’. Strijken? Opruimen? Ramen zemen? Stofzuigen zou zeker een optie zijn. Geen lekkerder gevoel dan na een drukke visite alles recht zetten, afwas doen en als slotakkoord met de stofzuiger de kamer door.
Het gaat goed met A. Ze kan weer stofzuigen. Heerlijk.