
‘Graham Greene schreef elke dag 500 woorden. Dat wil ik ook gaan doen.’ Mijn vriend M zit tegenover mij. We hadden elkaar een paar maanden niet gesproken. Dat was te lang vonden we. Ik had bij de bakker twee Deense broodjes gehaald voor bij de koffie. We spreken af dat wij dat ook gaan doen: 500 Woorden per dag schrijven. Maakt niet uit waarover. Vriend vond wel dat het stukje dan tip top moest zijn. Dat vond ik niet nodig. ‘Dan leg je de lat weer zo hoog. En ligt er zoveel druk op.’ ‘Gewoon gaan zitten aan tafel en schrijven en stoppen als de teller bij 500 staat.’
Als we goede schrijvers willen zijn moeten we blijven trainen, iedere dag opnieuw. Steeds je af vragen wat beter kan. Vragen om kritiek. Of je daar dan iets mee doet is een tweede. Soms lees ik een tekst van een poos geleden terug en verander ik een tekst nog wel eens. En snap ik niet dat ik het niet anders heb gedaan. Soms, en dat overkomt me ook, denk ik: nou dat was niet verkeerd Wiske, dat heb je mooi geschreven. Schrijven. Een paar keer naar de tekst kijken, teruglezen, schaven, er hier en daar wat aan veranderen en dan moet het klaar zijn. Dan ligt het kindje in de wieg.
Vandaag wil ik schrijven over een madeliefje. Vorige week ontdekte ik in mijn achtertuin voor het eerst een madeliefje in het gras. Daar was ik ontzettend blij mee. Ik wil mijn grasveld achter het huis een beetje laten verwilderen, en snij het onkruid er niet meer uit. Ik wil net zo’n tuin als in de Franse Bourgogne. Een grasveldje met madeliefjes, gele bloemetjes en een paar boompjes. Mijn eigen Franse tuintje. Dat madeliefje was zo maar aan komen waaien en stond er op eens mooi te zijn. Ik heb er direct een foto van gemaakt en die verstuurd naar een paar mensen. Mijn schoondochter is langsgekomen om hem, of is het een haar, te bewonderen. Ze verzekerde mij dat er vast nog meer komen want ze zag plantjes die hetzelfde blad hebben als het madeliefje. Ik speur iedere dag of er al meer zijn maar het blijft bij dat ene madeliefje.
Vriend M wil nog een keer een heel goed boek schrijven en uitgeven. Hij vindt dat ik dat ook moet doen: mijn beste Wiskes bundelen en uit geven. Maar daar heb ik geen zin in, dat lijkt me te veel gedoe. Ik heb al te vaak het gevoel dat ik veel te druk ben. Soms is het zo druk in mijn leven met van alles en nog wat en verlang ik er naar dat ik alleen maar bezig zou zijn met gelukkig zijn met een madeliefje in de tuin.
Vorige week kwam ik in het bos een man tegen die zei dat hij mij ergens van kende. Hij wist niet waarvan. ‘Wij kennen elkaar toch?’ Dat je gekend wordt. Dat je mag zijn. Bloeiende bloemen in de tuin.
*500