Kleine café aan de haven

Hoog achter mij de maan, voor mij de opkomende zon, aan de overkant van het water vier paarden in de mist. Terwijl ik mijn gymnastiekoefeningen doe denk ik na waar over te schrijven vanmorgen. Er gaat van alles door mijn hoofd, maar kom toch uit bij Pierre Kartner. Die keus had ik eigenlijk vorige week al gemaakt toen ik hoorde van zijn overlijden.

Ik loop terug naar huis met het liedje van het Kleine café in mijn hoofd. Dat was de kracht van de liedjes van Kartner. Je krijgt ze niet meer uit je hoofd en ze zingen zo gemakkelijk mee. Ooit maakten we een lied op het Smurfenlied van Vader Abraham voor het 50-jarig huwelijksfeest van een echtpaar bij ons in de straat. We zongen het weken later nog naar elkaar en ook nu komt het er nog zo uit. Op het afscheid van een collega en mij van de school waar we jaren hadden gewerkt maakten we een fantastische cover op Huilen is voor jou te laat en als ik die collega tegenkom in het dorp komt onmiddellijk dat lied naar boven. Een goeie melodie en een makkelijk lopende tekst.

Het kleine café is meer dan 200 keer gecoverd en niet door de minsten: Mireille Matthieu, Joe Dassin, Nana Mouskouri en Peter Alexander om er een paar te noemen. Het lied was in Nederland aanvankelijk geen succes. Het was sowieso geen plus om een plaat van Vader Abraham in de kast te hebben. Er werd lacherig over gedaan en laatdunkend: ‘Vreselijk toch.’ Franse chansons die ongeveer dezelfde kwaliteit hadden dat was interessant en wonderschoon. Piaf en Trenet dat kon, maar niet Vader Abraham, oh nee.

Op de radio is vanmorgen de Evergreen top 1000 begonnen op radio NPO5. Ik zie dat ook dit jaar Het Dorp van Wim Sonneveld weer op nummer 1 staat. Een prachtig lied, een Nederlandse versie van een Frans Chanson. Pierre is een paar weken te laat overleden om hoog in die lijst te eindigen. Hij staat met Het kleine café op plaats 401. Hij verdient beter.

* Daar in het kleine café aan de haven, daar zijn de mensen gelijk en tevree, daar in dat kleine café aan de haven, daar telt je geld of wie je bent niet meer mee.(refrein van ‘t Kleine café aan de haven)

* Pierre Kartner, alias Vader Abraham overleed vorige week op 87-jarige leeftijd

de Merel in mij

Ze is een meisje met een dubbele achternaam. In haar milieu heet een gebakje een taartje. Ze is intelligent, ziet er goed uit, heeft humor, is daadkrachtig en een doorzetter. Ze wil het beste voor haar kinderen en houdt graag alles onder controle. In haar werk in de sociale advocatuur niet anders. Ze zou heel gelukkig kunnen zijn, want ze heeft alles mee zou je zeggen. Maar niets van dat alles. Ze verstaat de kunst om iedereen tegen zich in het harnas te jagen, precies het verkeerde te zeggen en te doen en op het verkeerde moment ook nog. Het gevolg is dat ze iedereen van zich af duwt en daardoor stik eenzaam en doodongelukkig is en naar de fles grijpt. Binnen in haar woedt een orkaan. Een orkaan van boosheid. Van verdriet.

Merel uit Oogappels, je had haar al herkend. Op de sociale media wordt de lof gezongen over de fantastische acteerprestatie van Malou Gorter als Merel Larooi van Voorst. Op Twitter stelde iemand voor een fanclub voor haar op te richten.

Ik word gelijk lid als die fanclub er komt. Want Merel heeft ook mijn hart gestolen. Ook ik heb vorige week woensdag een traantje gelaten toen ze op de bijeenkomst van de AA haar onmacht uitschreeuwde: ik wil dit niet. Toen ze brak. Ruim een miljoen kijkers waren er getuige van.

Waarom valt iedereen voor Merel? Omdat er ook een druppeltje Merel in ons zit? Woede over van alles en nog wat, omdat het niet gaat zoals je zou willen? Omdat je een fles niet open krijgt of omdat de trein te laat is? Woede. Verdriet. Omdat je lief is weggelopen. Omdat je kind weer iets doms heeft gedaan. Omdat iemand sterft die nog zo jong is. Omdat kinderen uit huis worden geplaatst. Omdat energiebedrijven megawinsten halen terwijl andere mensen hun energielasten niet kunnen betalen. Om alle onrechtvaardigheid in het leven, in de wereld. En dat je uit zou willen schreeuwen: ik wil dit niet.

zinvol ouder worden

‘Wanneer heb je voor het laatst iets voor het eerst gedaan?’ In het zaaltje met ouderen aan tafeltjes met kopjes koffie en thee wordt hard nagedacht. Er gaat geen hand omhoog van iemand die een spectaculair antwoord heeft. De heer voor de groep die de lezing over zinvol ouder worden houdt hoort zelf sinds kort ook tot de groep die als ouderen wordt aangeduid. Pas 50 geworden en vorige week een brief van een welzijnsorganisatie met de aanhef: aan de oudere bewoners van de buurt. ‘Dat was de eerste keer dat ik als oudere werd toegesproken.’

Het wordt direkt rumoerig, er wordt gelachen. Want 50 is niet oud immers. 50 was oud, vroeger. Wanneer heet je nou oud. Als je 70 bent of 80, of 90? Op de vraag over de laatste keer dat je voor het eerst… blijft het stil.

In de pauze komen de tongen wel los. ‘Ik ben 80, maar ik voel me nog steeds 45”, aldus één van de dames bij mij aan het tafeltje, terwijl ze in haar koffie roert.’ ‘Mijn man en ik doen nog van alles, we trekken er iedere dag op uit’, is het antwoord van de dame naast haar en vervolgens wordt het een opsomming van hoe leuk, hoe goed, hoe zinvol een ieder oud aan het zijn is.

De vraag wanneer heb je voor het laatst iets voor het eerst gedaan suggereert dat je als oudere niet vast moet roesten, niet achter de geraniums moet gaan zitten, maar dat je de levensfase waarin je beland bent zinvol in moet vullen en dat het goed is ook weer eens iets geheel anders op te pakken, zelfs iets wat je nog nooit eerder hebt gedaan. En zo had de spreker verduidelijkt: “ dan bedoel ik geen bucketlist, of een keer bungeejumpen.”

Als ik voor het eerst sinds september zonder jas naar huis fiets denk ik na over de vraag. Wanneer heb je voor het laatst iets voor het eerst gedaan? Er schiet me te binnen dat ik onlangs voor het eerst van mijn leven naar een Bingoavond ben geweest. Een Bingoavond in het wijkgebouw. En dat ik voor het eerst.., ja toen ik de dagen daarna er over nadacht waren er meer dingen die ik voor het eerst of sinds lange tijd had gedaan. Maar die lagen vooral op het persoonlijke vlak zoals niet bezwijken voor gevlei, zaken die meer te maken hebben met persoonlijke ontwikkeling, met ouder worden. De fase dat je niet alles meer hoeft, dat je niet meer zo nodig moet, dat je weet het leven gaat haar weg, ik drijf maar wat mee op de stroom. ‘Ik ben blij dat ik ik er ben’, hoor ik 90er Koos Postema in Forever Young bij Matthijs van Nieuwkerk zeggen. Dat lijkt me de optimale manier van zinvol oud, ouder worden: er zijn met alles wat er in je is en daar blij mee zijn, iedere dag op nieuw.

* Foto Regge 31/10/22 08.35 uur

voorstel

Vorige week kreeg ik bovenstaande mail van mijn energiebedrijf. De overheid wil mensen met hoge energiekosten compenseren. Dat is lovenswaardig want je zult maar zulke hoge energiekosten hebben dat je geen boodschappen meer kunt doen. Ook ik krijg dus dat bedrag van 2 maal 190 euro ter compensatie van mijn energierekening. Maar ik heb in de verste verte geen 190 euro aan energiekosten in de maand. En ik ben niet de enige die die compensatie helemaal niet nodig heeft. Daar staat tegenover dat er ook huishoudens zijn die aan die 190 euro lang niet genoeg hebben. Dat weet de overheid ook. Maar ‘het is niet uitvoerbaar om maatwerk te leveren.’ *

Ik heb een voorstel: iedereen die die 2 keer 190 euro eigenlijk niet nodig heeft stort dat geld op de rekening van iemand of een organisatie die dat geld wel heel goed kan gebruiken. Niet om de deugneus uit te hangen, of omdat je niet iets leuks zou kunnen doen voor 380 euro, maar omdat het rechtvaardig is. Zo maken we ook een klein beginnetje aan een eerlijke inkomensverdeling. Als dat van bovenaf niet van de grond komt moeten we dat van onderaf maar eens gaan doen.

*Omdat zo laat is besloten een prijsplafond in te voeren was het niet meer mogelijk een regeling te maken die toegespitst is op de huishoudens die het werkelijk nodig hebben. Dat met de totale regeling 23,5 miljard euro is gemoeid neemt de regering op de koop toe. (RTL nieuws 5 oktober)

groepsdieren

We gingen allemaal staan, toen hij er om vroeg. We veranderden iets in onze kleding, en we deden het weer terug. Omdat hij het zei. Hij, dat was Olav de Maat, schrijver (o.a Hufters en Helden), consultant en trainer. Hij hield een lezing over Noaberschap voor het publiek van de Nieuwe Liefde in Almelo. Hij liet ons aan den lijve ervaren dat we groepsdieren zijn. Dat onze hersens zo geprogrammeerd zijn door de eeuwen heen dat we ons voegen naar de groep. Nog steeds, altijd. We gaan gewoon met ons allen staan omdat iemand het zegt en omdat we zien dat iedereen dat doet.

Individualiteit, authentiek, jezelf zijn, dat is iets van later en van nu, maar dat is kort in vergelijking met de tijd dat de mens bestaat*. 0,4 Procent, die andere 99,6 procent waren we gewoon mensen die tot een groep behoorden. Die deden wat goed was voor de groep.

In het oude Noaberschap zit dat ook nog sterk: iets voor elkaar doen omdat het goed is voor de groep, de buurt, de familie. In de kapelzaal van Hof 88 zaten echtparen, mensen alleen, groepjes, maar stuk voor stuk individuen. In wezen hebben we de de ander niet nodig voor ons eten, onze kleding, onze behuizing, onze verzorging, ja zelfs de liefde kun je kopen. Alles kunnen we regelen of inkopen. Vriendschappen en relaties zijn gebaseerd op sympathie en aantrekkingskracht voor de ander. Alleen het familieverband kunnen we niet kiezen, maar we kunnen er wel mee breken. Het is niet meer vanzelfsprekend dat we bij de groep zullen blijven waarin we geboren worden. We waaien uit, zwerven rond omdat we vrij willen zijn, onszelf. Om alles uit het leven te halen. We hechten ons aan anderen, vormen groepen en gemeenschapjes, buurten en clubs waar we deel van uit willen maken.

Sociale wezens zijn we en blijven we. Het verlangen om ergens bij te horen, bij iemand, is diep in ons geworteld. We kunnen helaas niet onder alle omstandigheden vrij kiezen bij wie we willen horen. Maar ook als het niet kan is het wijs je te committeren aan de groep en de regels en wetten, gewoontes en gebruiken van familie, buurt, club, vereniging, kerk te respecteren. En aardig te zijn en lief en behulpzaam. Omdat het goed is voor de groep. Daarom en nergens anders om. Wees een groepsdier. Mens.

* De menssoort bestaat al miljoenen jaren

* Tekening van Neanderthalers 60.000 jaar geleden.

uit de Verenigde Staten

Deze herfst is hij mooier dan ooit. Al weken staat hij te stralen in de bossen, langs de wegen, in mijn tuin en hierboven op de foto bij het Gagelmansveentje in het Doktersbos in Nijverdal.

De krent, Amelanchier Lamarckii is de officiële naam, is een boom die hier in de 17e eeuw naar toe kwam. *Na de laatste ijstijd waren de Nederlandse bossen eigenlijk monotoon en saai, de oorspronkelijke bomen hadden moeite terug te keren, staat te lezen in een blad van Natuurmonumenten. In de 17e eeuw namen ontdekkingsreizigers bomen en plantenzaden mee om de natuur wat kleurrijker te maken. De krent was er één van. In de lente versieren ze als als dansende bruiden het landschap. In de zomer levert de krent mooie eetbare besjes. En in de herfst kleurt de boom oranje rood. Vogels en insecten houden ervan en het bodemleven vaart er wel bij. En juist op de arme en enigszins zure gronden doet hij het goed. De Amerikaanse eik en de Amerikaanse vogelkers die ook in die tijd werden geïmporteerd waren agressieve groeiers die uiteindelijk de natuur hier meer kwaad dan goed deden. De krent, de bescheiden krent, die nauwelijks verzorging en extra voedsel nodig heeft, alle seizoenen mooi is, mag blijven en is een karakteristiek beeld geworden in bepaalde streken van Nederland, zoals hier in Twente en Salland.

Ik las, dat gek genoeg in Amerika, waar de boom vandaan komt, hij nauwelijks meer voorkomt. Ik vraag me af wat dat betekent. Ook die arme en zurige grond fascineert me.

*Natuurmonumenten 6 april 2020 Irma de Potter

*Foto: Gagelmansveentje woensdag 5 oktober 16.27 uur

in mijn tijd

Iedere morgen haal ik voor ik ga wandelen mijn krant uit de brievenbus. Ik sla even de bladzijden om en ‘snel’ de koppen bij een kop thee. Over de kop boven het artikel over de plaatselijke lokale omroep was ik zeer te spreken. Net als het artikel dat ik na mijn wandeling heb gelezen. Het zet het vrijwilligerswerk van een club mensen in het zonnetje. Een club mensen waar ik zelf bij betrokken ben. En ik zal eerlijk zijn: ja het is een enthousiaste groep, ja het is mooi werk om te doen, ja er zijn mensen met wie het heerlijk samenwerken is, ja er is een sterk gevoel van verbondenheid, ja het is vaak een fijne sfeer. Maar. Helaas is het omgekeerde ook vaak de realiteit: helemaal niet fijn om te doen, mensen met wie het helemaal niet makkelijk is om samen te werken, afgeven op elkaar, elkaar het succes niet gunnen, clubjesvorming, prutswerk op het scherm, resultaten die je het schaamrood op de wangen jagen: ja ook dat, net als overal waar mensen met elkaar werken.

Maar toch. We doen het allemaal wel en al vele jaren lang. En het was inderdaad zaterdag een hele gezellige dag, waar we blij waren weer te beginnen aan een nieuw seizoen. Trots namen we de complimenten in ontvangst voor de hartelijke ontvangst en de goede sfeer die er hangt in het gebouw. En we hadden mooie interviews met gasten.

Het krantenartikel vanmorgen was een bevestiging van ons werk, een opsteker, een pluim op de hoed. En dat op de dag dat RTV Oost dertig jaar bestaat en in diezelfde krant enkele dagen geleden de regionale omroep Oost werd afgekraakt door voormalig directeur Henny Everts: RTV Oost is niet spraakmakend meer. Er werken ook geen kleurrijke en flamboyante presentatoren en journalisten meer, het is allemaal een beetje grijs. Presentator Bert van Losser doet er nog een schepje bovenop: Sommige collega’s hadden net zo goed bij Blokker kunnen werken. Lekker dan, denk ik dan, natrappen, spugen in de bron waaruit je gedronken hebt: nooit doen. Nooit doen. Nooit zeggen: in mijn tijd… Weggaan met opgeheven hoofd en af en toe hoofdschuddend kijken naar wat er gebeurt in de wereld waaruit je bent weggegaan.

Op de Open Dag mocht ik een jonge vrouw interviewen: ‘zogenaamd’, om te laten zien hoe het gaat met microfoons, camera’s, het gesprek, het decor. Ze vertelde dat ze in de krant had gelezen dat het Open Dag was. Dat ze best wel eenzaam was, en dat het meestal over eenzame ouderen gaat, maar dat zij nou wel eens wilde vertellen dat zij als jongere dat ook is. En dat ze zich daar niet voor schaamde. Dat ze graag iets met theater wilde en dat de Lokale Omroep haar ook wel iets leek. Ze vertelde er openhartig over en authentiek. Het speet ons dat we het niet opgenomen hadden om uit te zenden. We hebben haar gegevens genoteerd. Het zou mij niet verbazen als zij over een jaar iets doet bij onze omroep. Misschien wel een programma presenteert. Of interviewt. Dan zal ik trots zijn.

handgeschreven

Op mijn verjaardag kreeg ik een handgeschreven brief van een goede vriend. Hij schreef dat het lang geleden was dat ik een brief of een kaartje van hem had gehad. Er wordt te weinig geschreven, ook door mij. Meestal een briefje na een overlijden als ik niet aanwezig kan zijn.

Voor handgeschreven brieven zijn sms’jes, apps en mails in de plaats gekomen. Daar staat tegenover dat kaarten en kaartjes sturen is toegenomen. Met teksten voor iedere gelegenheid, je hoeft er alleen nog maar je naam onder te zetten. Er zijn zelfs bedrijven bij wie je een kaart kunt laten maken met een door jou aangegeven tekst. En ook dan kun je nog altijd je pen pakken om er in je eigen handschrift iets aan toe te voegen.

Ik denk dat er door de sociale media eerder meer wordt geschreven dan minder in vergelijking met vroeger. Ik ben ook niet van mening dat het alleen maar gescheld en getier is. In tegendeel: ik raap er soms pareltjes op. En er kunnen waardevolle verbintenissen uit ontstaan.

Zo is daar iedere maandag mijn Wiske. Er zijn mensen die altijd reageren. Altijd. Melis van den Hoek bijvoorbeeld. Hij reageerde vaak met een prachtig gedicht, dat hij zo uit zijn mouw leek te schudden. Op Facebook, of via de mail. Ik heb een speciaal mapje aangemaakt met zijn getypte brieven. Ik weet dat er volgers van mij waren die hem ook gingen volgen, die hij vervolgens eveneens trakteerde op mooie teksten en gedichten. Ik miste zijn reacties al een paar weken. Op nine eleven van dit jaar is hij overleden hoorde ik vorige week. Ik ben nog eens na gaan lezen wat hij allemaal heeft gepost en gemaild. Dat was mooi en lief. Het voelde als een klap, dat hij er niet meer is. Zijn handschrift vond ik in een gedichtenbundeltje dat hij mij gaf toen hij hier in september 4 jaar geleden op bezoek was. In de kaft had hij geschreven: wie in de herfst durft te verdwalen vindt in het voorjaar nieuwe wegen

* Melis Willem Jacob van den Hoek werd geboren op 15 juni 1947 in Klaaswaal. Hij bezocht het driejarig gymnasium en de kweekschool te Dordrecht. Daarna gaf hij les in de vakken Nederlands en maatschappijleer in het middelbaar beroepsonderwijs te Middelburg. Fantasie, maatschappijkritiek en humor zijn de vaste kenmerken van zijn gedichten. Hij publiceerde o.a ‘ wandelen op de wolken’ en ‘schitteren in de schaduw.’

herfst 2018

de Queen

‘Om haar te bedanken, haar vaarwel te zeggen of omdat je dit historische moment wilt meebeleven.’

Duizenden mensen staan langs de kant en bewijzen hun queen de laatste eer. Rustig, stil en met gebogen hoofden. Of alleen maar een korte knik. En als de ‘Funeral Cortège’ voorbij is gaan de Schotten rustig, zonder haast, zonder kabaal huiswaarts. ‘No rush, no events, quiet, this is a day of thougts’, aldus de commentator op de BBC.

Zondag 11 september* rijdt een korte stoet van Kasteel Balmoral naar de hoofdstad van Schotland Edinburgh. Dwars door het prachtige groene land, met haar heuvels, haar bergen, het water en de luchten. Geen zwaailampen, geen vlaggen: een geruisloze stoet zoevend over lege wegen. 7 Auto’s slechts, één motor voorop. 6 Uur doet de stoet er over. In de eerste wagen de kist met het lichaam van koningin Elizabeth. Hier en daar plukjes mensen, dan weer een hele groep. In Edingburgh staat het vol, maar ook daar weinig telefoontjes en vooral stilte. Af een toe een bescheiden applaus.

Een volk neemt afscheid* van haar queen. Ingetogen, respectvol, zo doen ze dat in Schotland. Zelfs het voetbal moest er voor wijken. Engeland is stilgevallen. De queen is niet meer.

*From the time you say goodbye, From the time you say cheerio Will you take a handshake true For your journey as you go? (Vera Lynn)

*Verdriet is de prijs die we betalen voor liefde: Elizabeth 9/11/2001

dierbaar

*

‘Ik zag daar een icoon en dacht: dat wil ik schilderen, het was alsof een bliksemschicht me trof’. Aan het woord de mevrouw* die de icoon die in de Kleine Kapel aan de Noetselerweg hangt heeft geschilderd. Met echt bladgoud en heel speciale verf.

Tijdens de avondgebeden in de kapel is er altijd een moment van meditatie. Gedurende een minuut of acht is het stil in de kapel en wordt er gemediteerd over een tekst. Soms doe je je ogen dicht en denk je helemaal niet na over de tekst, het gebeurt zelfs wel dat je in slaap valt. Andere keren kijk ik naar de icoon en probeer ik een verbinding te maken met de tekst, wat niet altijd lukt. Toen de icoon er pas hing moest ik er aan wennen: het kunstwerk dat er daarvoor hing gaf mij meer inspiratie.

Na een aantal maanden is de icoon me vertrouwd geraakt en ben ik er aan gehecht. Ik vind het ook een mooie gedachte dat terwijl er in het oosten van Europa een oorlog woedt in de kapel een icoon hangt. We krijgen niet de kans die oorlog te vergeten.

Als de schilderes vertelt dat ze na die ontmoeting in Denekamp, waar ze voor het eerst oog in oog stond met een icoon, 30 jaar lang alleen nog maar iconen heeft geschilderd; dat haar eerste icoon haar het liefste is; dat ze moeite heeft afstand te doen van haar iconen; dat het schilderen van een icoon soms een strijd is en dat de apostel Petrus haar dierbaar is, kijk ik nogmaals naar de icoon op de muur in de kapel. Ze praat ook met de icoon, vertelt ze. Dat doen wij ook tijdens onze meditatie ieder avondgebed bedenk ik me. De kleine oase aan de Noetselerweg. Ons kleine kloostertje. Een dierbare plek.

* De Kleine Kapel is een project, een zogenaamde ‘Pioniersplek’, waar een kleine groep mensen iedere avond bij elkaar komt voor een kort avondgebed (van 18.45 tot 19.15). De kapel is de hele dag open voor mensen die even uit willen blazen, iets willen drinken, even stil willen zijn, een kaarsje aansteken of wat dan ook. Vanuit de Kapel worden ook activiteiten georganiseerd zoals Stiltewandelingen (o.a de Stiltewandeling op de woensdagmorgen), een Creatief bezinningsatelier en gezamenlijke maaltijden. Voor meer info zie de Facebookpagina van de Kleine Kapel en de website https://kleinekapelnoetsele.nl

* Mevrouw Jansje Aaltink schonk twee iconen aan De Kleine Kapel, één van Maria en de icoon hier op de foto.