omdat zij niet meer zijn

Morgen worden de kerstspullen opgeruimd. Vandaag nog niet want vandaag is het Drie Koningen. 6 Januari. In veel landen wordt juist vandaag de geboorte van het kindje Jezus uitbundig gevierd. Als de drie koningen, wijzen of magiërs zoals ze ook wel genoemd worden, het kind komen aanbidden.

Wat het nou precies waren, sterrenkundigen, geleerden, voornaam waren ze wel. Zo voornaam dat ze gewoon aan het hof van de toen heersende Herodes werden ontvangen. Ze hadden in hun onderzoeken een ster gezien die zou wijzen op de geboorte van een koningskind. ‘Waar kunnen we dit bijzondere koningskind vinden Herodes?’ Hadden ze dat maar niet gedaan. De koning Herodes was van het soort waar de geschiedenis en de wereld ook vandaag nog vol mee zit: heersers, wreed en meedogenloos als ook maar iemand hen tegenwerkt. De wijzen beloofden de sluwe Herodes hem op de hoogte te houden als ze het koningskindje gevonden hadden. Volgens de wetsgeleerden zou het immers ergens in de buurt van Bethlehem moeten zijn. In de boeken stond geschreven: In Bethlehem in Judea wordt de leider van Israel geboren. Hij zal zorgen voor het volk van God, zoals een herder voor zijn schapen zorgt.

De wijzen deden niet wat ze Herodes beloofd hadden. In een droom werd hun verteld het niet te doen. Ze vertrokken via een andere weg naar hun land. En ook Maria en Jozef de ouders van het bijzondere kindje vluchtten het land uit. Ze gingen naar Egypte.

De wrede koning begreep dat de deftige bezoekers niet terug zouden komen. Hij was woedend. Hij wist er wel raad mee. Hij stuurde zijn soldaten naar Bethlehem met het bevel alle jongetjes van nul tot twee jaar te doden.

Het verhaal dat bekend staat als De kindermoord in Bethlehem is van een ongekende wreedheid. In de film Maria speelt Anthony Hopkins op meer dan overtuigende wijze de rol van de bruut Herodes. Bloedstollend. In de bijbel wordt het verhaal afgesloten met de woorden: In Rama wordt gehuild en geschreeuwd. Rachel huilt om haar kinderen. Ze wil niet dat iemand haar komt troosten, want haar kinderen zijn er niet meer.

Vandaag Drie Koningen denk ik aan alle moeders die een kind verloren hebben, aan alle moeders die leven in landen waar brute, immorele leiders hun kinderen slachten en offeren. Ooit. Pas nog. Dag in, dag uit. Vandaag.

  • Bron: Mattheus 2
  • Film Mary, Netflix-film over het leven van Maria, de moeder van Jezus
  • Foto: Karin van der Vinne met haar zojuist geboren kleinkind Noe Maeve november 2024

wij zijn de tijden

Het was hoog tijd dat we elkaar weer eens zouden spreken. ‘We’ dat zijn een oud collega en ik. We spraken af bij De Jongens. Een horecagelegenheid aan de Grote Straat in Nijverdal. We namen koffie met niks erbij, want we moeten voorzichtig zijn met ons gewicht. Zoals altijd gingen we al heel snel de diepte in, in het gesprek. Over koetjes en kalfjes gaat het bij ons nooit te lang. Zo kwamen we ook op de plaatselijke politiek. Natuurlijk waren we het er over eens dat het een groot schandaal is dat in zo’n welvarende en gelukkige gemeente*, waar het noaberschap zo hoog in het vaandel staat er geen gastvrijheid is voor 200 vluchtelingen. We waren het er ook over eens dat de lokale politici gezwicht waren voor een stelletje schreeuwers en dat echt leiderschap om daadkracht vraagt en een rechte rug. Dat we geen oorlog willen, geen energietekort, geen mensen in nood, maar dat we als het er op aankomt we allemaal liever hebben dat schietoefenterreinen of windmolens of AZC ‘s ergens anders moeten worden geplaatst. Als het maar niet bij ons in de buurt is ! We filosofeerden er over of zo’n AZC bij ons voor de deur zou mogen worden geplaatst. Of wij vluchtelingen in huis zouden nemen. Daar over waren we wat minder beslist. 
Een paar dagen na onze ontmoeting stuurde collega mij een mailtje waarin ze schreef dat ze nog had nagemijmerd over ons gesprek, ze had gevisualiseerd hoe het er uit zou zien als er achter haar huis een AZC of een windmolen zou komen. Ze was tot de conclusie gekomen dat ze eigenlijk geen haar beter was dan die tegenstanders van het AZC want dat ze er eigenlijk niet aan moest denken dat haar rustige en geriefelijke uitzicht zou bedorven worden door een groot afzichtelijk AZC of een windmolen. ‘Mijn liefdadigheid mag mijzelf niet te veel raken. Als ik eerlijk ben: Ik ben ook gewoon een egoïst.’ 
Ik denk dat het wel meevalt, ik denk dat als er iemand is die liefdevol is en ruimdenkend, zij het wel is. Ik denk dat als er in haar achtertuin een opvangcentrum zou komen zij een van de eerste vrijwilligers zou zijn die zich zou aanmelden. Zoals ik ook geloof dat als er in onze gemeente een AZC zou komen het aantal vrijwilligers niet aan te slepen zal zijn. En dat als dat Centrum er eenmaal staat het weldra een plaats is waar niemand het nog over heeft.  Want om mij heen en in de plaats waar ik woon zie ik vooral hartelijkheid, gastvrijheid, meeleven, daadkracht, inventiviteit, aanpassingsvermogen. En warmte. En liefde. Veel liefde. 
Laten we maar ophouden te wijzen met een verontwaardigd vingertje naar een ander, maar laten we proberen zelf degene te zijn die de wereld een beetje mooier maakt. WIJ zijn immers de wereld, WIJ zijn immers de tijden. *

Voor het nieuwe jaar 2025 wens ik jou Vrede en alle Goeds en als er in jouw leven wat minder vrede is of minder goeds, wens ik jou kracht, vertrouwen en geduld om het te dragen. En hoop. En geloof. En liefde. Heel veel liefde. Wiske ❤️

  • Hellendoorn heeft de gelukkigste inwoners blijkt uit een onderzoek. Uit andere onderzoeken blijkt dat Hellendoorn tot de meeste welvarende gemeenten in ons land behoort.
  • Van Augustinus is de uitspraak: ‘Scheldt niet op de keizer, scheldt niet op de tijden. Wij zijn de tijden. Wie bent u in deze duistere tijd? Hoe voeden de deugden uw handelen?’ Beatrice de Graaf verwijst er naar in haar Huizinga-lezing ‘Wij zijn de tijden’ over wat wij in tijden van crisis kunnen leren uit de geschiedenis. In het tv programma Buitenhof van 22 december jongstleden vertelde ze er over. Ze noemde de zeven basisdeugden waarop onze beschaving rust: beheersing, rechtvaardigheid, wijsheid en moed, de vier Griekse basisdeugden waar later geloof, hoop en liefde aan zijn toegevoegd.

de donkere morgens voor kerst

De kachel wat hoger gezet. Theewater op. Vier kaarsjes aan. De lichtjes ontstoken in de boom. Een mooi muziekje. Vicky Brown.

Het hoeft nog niet licht te worden. Laat het nog maar donker blijven. Even. Opstaan in de donkere morgen met kleine lichtjes.

Er is al lekker gegeten, er is hartstochtelijk gevierd, gezongen, er is naar kerstverhalen geluisterd en gekeken in de afgelopen weken. De adventstijd. De weken dat we wachten op het feest van kerst. De komst van het kind.

Kaarten, apps, mails, facebookberichten met fraaie afbeeldingen en foto’s, lieve woorden en wensen, gedichten. Kerstkransen groot en klein, bloemstukken, kerstversieringen, engelen en engeltjes.

Warm en geborgen, samen en met ons allen: we zijn op weg naar kerst. Liefde, warmte, en saamhorigheid klotsen over de randen.

Laat het nog maar even donker blijven, laat het nog maar even vol zijn van verwachting en verlangen naar het goede, het mooie, het kwetsbare. Het verlangen naar vrede in de wereld en onder elkaar, en met jezelf. Vrede. Laat het nog maar even donker blijven. Laat het nog maar even zo blijven. Zo warm, zo lief, zo met elkaar, zo samen.

in mijn naam

Langs de Regge staan overal bankjes. Als het houten bankjes zijn zit er vaak een plaatje op met de naam van degene door wie of voor wie, dat bankje geplaatst is. De kunststof bankjes zijn dat niet. Ik denk dat de bankjes eigendom zijn van de gemeente. Maar het zou ook een andere instantie kunnen zijn. Want in onze gemeente wordt graffiti over het algemeen vrij snel verwijderd en deze tekst staat er al een paar maanden op. De eerste keer schrok ik, maar toen ik er vanmorgen weer langs fietste, dacht ik dat zo’n bescheiden protest prima past bij onze gemeente en onze inwoners. Vergeleken met de beelden van protesten in Amsterdam bijvoorbeeld is dit helemaal niets.

Protesteren is een democratisch recht. Je mond open doen over onrecht mag, sterker: het moet. Toch krijg ik een ongemakkelijk gevoel bij de actie van Oxam Novib op de social media waar bekende en minder bekende personen een foto van zichzelf plaatsen met daaronder of erboven NIET IN MIJN NAAM met als argumentatie: Er worden in Gaza oorlogsmisdaden gepleegd, maar Nederland blijft Israel steunen. Zo draagt ons kabinet, in naam van alle Nederlanders, actief bij aan ongekend leed en onacceptabel onrecht. Laat dit niet gebeuren in jouw naam.

Als ik bij alles waar ik het niet mee eens ben, alles wat ik verafschuw, alles wat ik vreselijk vind, zou moeten schrijven, maar niet in mijn naam, had ik dagwerk. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat het eigenlijk vooral een actie is tegen het het huidige kabinet. ‘Zij zijn niet oke, maar ik ben het wel hoor.’ Als welk kabinet dan ook iets doet is dat in principe in naam van alle Nederlanders, maar het toeslagenschandaal, de aardbevingsschadeafwikkeling in Groningen, het kanaaldrama in Overijssel, ik noem zo maar een paar zaken, hadden toch echt niet mijn instemming en de jouwe ook vast niet. Dat werkt zo in de democratie. Ik zou niet willen beweren dat ik weet hoe het precies zit in het Midden Oosten. Ik zou willen dat het zou stoppen, ophouden, die vreselijke oorlog. Overal, dichtbij en ver weg waar oorlog is, geweld, misbruik, armoede, ziekte en verdriet: dat het mag ophouden. Ik zou niet weten wat en hoe ik daar aan iets kan doen. Ik voel slechts onmacht en meeleven.

Dit weekend kreeg ik van mijn kinderen een olijfhouten kruisje, een souvenir uit Londen. Uit de St Paul’s Cathedral. Het kruisje is Made from Holy Land Olive Wood. Op de achterkant van het kartonnetje waar het op vast gemaakt is lees ik:

Make me an Instrument of thy Peace, where there is hatred, let me sow love.

Voor mij voelt het niet als liefde zaaien door een foto met ‘niet in mijn naam’ te plaatsen. Maar hoe de weg naar vrede dan wel bewandeld moet worden? Ik weet het niet. Ik doe op mijn kleine postzegeltje mijn best. Meer kan ik niet. Zoals de jongens of meisjes of wie het ook waren, die het bankje aan de Regge hebben beschreven, het op hun manier hebben gedaan.

gaan we doen

Het is een prachtige uitgave. Een soort bijbel. Een hard kaft, een leeslint, goede kwaliteit papier, de letters niet te groot en niet te klein, de omslag in het korenblauw van de ogen en het blauwe jasje van de hoofdpersoon: Angela Merkel. Een dik boek van 704 bladzijden over ‘Herinneringen van 1954 tot 2021’ onder de titel Vrijheid. Een boek dat bestaat uit 5 delen, waarin een periode uit het leven van Merkel beschreven wordt, beginnend bij haar jeugd in voormalig Oost Duitsland en eindigend bij haar aftreden als bondskanselier.

Geen goedkoop boek, maar ik wilde de paperback niet afwachten. Als bewonderaar van deze ongeëvenaarde vrouwelijke politicus moest dit boek in de boekenkast. Het is een sieraad.

Ik heb al eerder over haar geschreven. Toen ze afscheid nam in 2021. Simply the Best heb ik haar genoemd. ‘Geen opsmuk, niet ijdel, deskundig, standvastig, ingetogen. Rustig, vriendelijk, integer.’ Ik heb haar een engel genoemd, de letterlijke vertaling van haar naam, en gewenst dat we een overheid hadden in de handen van mensen als zij. Daar was niet iedereen het mee eens, met name mensen uit voormalig Oost Duitsland zijn wel wat kritischer over wat ze bereikt heeft. In Europa wordt haar verweten dat zij met haar uitspraak Wir schaffen das de poort open gezet heeft voor vreemdelingen en alle problemen die daar uit voortgekomen zijn.

Ik lees het boek net als een bijbel, niet van begin tot eind maar af en toe een stukje. Wat me in de eerste plaats opvalt is dat ze er niet voor terugdeinst fouten toe te geven, regelmatig lees ik het: ik maakte een fout. Ze durft naar zichzelf te kijken. Maar ze gaat ook in op de kritiek die ze van alle kanten kreeg. Zorgvuldig legt ze uit waarom ze gedaan heeft wat ze heeft gedaan, waarom ze van bepaalde uitspraken en beslissingen nog steeds geen spijt heeft. Ze geeft een inkijkje in alles wat zich afspeelt voordat er een besluit valt. Ze komt naar voren als een vrouw die zich degelijk voorbereidt, goed kijkt naar alle kanten van de zaak, die zich verdiept in het standpunt van de tegenstander. Ze betrekt er altijd zoveel mogelijk mensen bij en haar gave om op een niet polariserende manier in gesprek te gaan met haar tegenstanders heeft haar veel opgeleverd.

Over de kritiek op haar uitspraak Wir schaffen das, gaat ze al op de eerste bladzijden van het boek in: Het is een heel gewone uitspraak voor mij. Hij drukt een houding uit. Noem het Godsvertrouwen, optimisme of gewoon de vastbeslotenheid om problemen op te lossen, tegenslagen te verwerken, dieptepunten te overwinnen en iets nieuws vorm te geven. We krijgen het voor elkaar, en als ons daarbij iets belemmert dan moeten we dat uit de weg ruimen, dan moeten we daar aan werken.

‘Gaan we doen’, zouden we zeggen in het Nederlands. Of: doen! Dat zou ik je willen aanraden: Kopen. Weggeven. Uitdelen. Lezen. Vrijheid van Angela Merkel.

Voor vrijheid, dat besefte ik al schrijvend opnieuw, is de moed nodig om je met het onbekende bezig te houden, maar bovenal is er waarachtigheid voor nodig – tegenover anderen en, dat is misschien wel het belangrijkste: tegenover jezelf. (Angela Merkel in de epiloog van het boek Angela Merkel Vrijheid)

JEROEN KRABBE 80

‘Dan krijg je een hele aardige buurvrouw’, zei iemand tegen mij toen ik vertelde waar ik binnenkort ging wonen. Het klopt. Het is een fijne buurvrouw, een hele aardige inderdaad: een opgewekt, hartelijk en zorgzaam mens. Ze zwaait als ze langs loopt en is altijd in voor een praatje, ze kijkt om naar de mensen om haar heen. Soms staat er een plastic emmertje van Greek Style Yogurt voor de deur. Dan zit er een lekker soepje of stamppotje in. Omdat ze nou eenmaal aan het koken was en dacht…

Buurvrouw is ook creatief. Ze kan koken als de beste, zoals ik uit ervaring weet, ze kan schilderen en beeldhouwen en ze heeft een creatieve geest. En nu kom ik op het verhaal over Jeroen Krabbe. Creatieve buurvrouw had bedacht dat de jaarlijkse expositie Eigen Oogst (een tentoonstelling waar amateurkunstenaars en creatievelingen in de maand november hun ‘werk’ mogen laten zien aan de bevolking op een mooie locatie) zou moeten worden geopend door een ‘beroemd’ persoon. Een klapper, een klinkende naam. Burgemeesters, wethouders, prominente inwoners, waren aan de beurt geweest voor de feestelijke opening, maar buurvrouw had wat anders bedacht. Wat groters.

Hier niet ver vandaan, in Dalfsen woonde een man die behalve groot acteur ook groot kunstschilder was: Jeroen Krabbe. Als die nou eens. Ze schreef een lange brief, waarin ze de kunstenaar vriendelijk verzocht in november de opening te verrichten van de expositie Eigen Oogst in de Gemeente Hellendoorn. Ze legde uit wat de expositie precies inhield en schreef een uitgebreid verhaal over het belang van kunst en ‘dat hij daarom als bekend en groot kunstenaar misschien wel bereid zou zijn om de handeling van de opening te verrichten?’ ‘En Dalfsen Hellendoorn was toch ook niet zo’n grote afstand?’ Ze had nog een laatste troef. Ze nodigde hem na de feestelijkheden van harte uit om eventueel samen met zijn vrouw een door haar verzorgde rijsttafel te genieten, een rijsttafel waarvan ze in alle bescheidenheid wel durfde te zeggen dat dat een rijsttafel was waar je je vingers bij af kon likken. Ze deed de brief op de bus: Jeroen Krabbe, Dalfsen. Er van uitgaand en hopend dat de brief wel bij de beroemde inwoner van Dalfsen zou aankomen.

Er kwam geen antwoord. Ze had de moed opgegeven en was op zoek gegaan naar een andere persoon voor de opening. Totdat. Maanden later. Op 6 juli 2015 lag er een envelop in de bus. In de envelop een handgeschreven kaart van beroemde Jeroen. Nee hij kwam niet, hij was te druk, maar hij had de moeite genomen haar brief te beantwoorden.

Uit de kaart, die door Marianne natuurlijk heel zorgvuldig wordt bewaard, krijgen we toch wel wat informatie over de binnenkort 80-jarige Krabbe: hij heeft de brief goed gelezen, hij houdt van rijsttafel, hij vond de brief leuk, hij heeft een heel bijzonder handschrift, iedere g is een klein tekeningetje op zich, en, hij schrijft zijn naam in hoofdletters. Hmm. Nou vooruit om dat hij tachtig wordt. Vandaag mijn column met een titel in hoofdletters. Gefeliciteerd!

Opening van Eigen Oogst november 2024 door Marianne Verheul

moenie bekommerd en bang wees

Breyten Breytenbach de Zuid-Afrikaanse schrijver, kunstenaar en antieapartheidsactivist is dit weekend “in die ouderdom van 85 jaar in Parijs oorlede met sy vrou Yolande aan sy sy.”

Het was Adriaan van Dis die ons in Nederland Breytenbach leerde kennen. Van Dis was met hem bevriend en vertaalde veel van zijn werk. Van Dis bracht ons daarmee in contact met het prachtige Zuid-Afrikaans. Het lijkt veel op Nederlands, maar het is zachter, vriendelijker en door van Dis uitgesproken is het een genot. Zo leerden we Zuid Afrikaanse dichters kennen als Elisabeth Eybers en Ingrid Jonker. En later Amanda Strydom en Stef Bos. ‘Ne me quitte pas’ van Jacques Brel wordt in het Nederlands Laat me niet alleen, maar hoeveel mooier is de Zuid-Afrikaanse vertaling: moenieweggaannie.

Maar aan het Zuid-Afrikaans kleeft wel het vreselijke Nederlandse woord apartheid. En het lieflijk klinkende Zuid-Afrikaans blijft voor altijd de taal van de witte overheersers in Zuid- Afrika.

Breytenbach was behalve kunstenaar activist tegen de apartheid. Hij was op twintigjarige leeftijd vertrokken naar Parijs uit onvrede met de situatie in zijn land. Daar trouwde hij met een Vietnamese vrouw. Daarmee maakte hij zijn terugkeer naar Zuid-Afrika onmogelijk omdat in die tijd het trouwen van mensen van verschillende rassen volgens de wet verboden was in Zuid-Afrika. Om die reden werd hij bij een geheim bezoek aan zijn geboorteland gevangengenomen. De eigenlijke reden was zijn openlijke verzet tegen het apartheidsregime. Onder internationale druk kwam hij na zeven jaar vrij. Hij vertrok daarna naar Frankrijk en werd Fransman. Vanuit Frankrijk bleef hij zich verzetten tegen de apartheid. Na de afschaffing van de apartheid in 1990 bracht hij regelmatig een bezoek aan zijn geboorteland. Hij bleef wonen en werken in Parijs en verdeelde zijn tijd tussen Frankrijk, Afrika en de Verenigde Staten. Hij schreef, romans, gedichten en essays en schilderde. Hij was een wereldberoemd kunstenaar en gastdocent op universiteiten.

De laatste jaren verdiepte hij zich “op een onderzoekende manier” in de dood, schrijft zijn familie op facebook. “Hij heeft de moed gehad om gestalte te geven aan de eeuwige vormloosheid waaruit we voortkomen en waarnaar we ook zeker zullen terugkeren.”

Zuid-Afrika 2020

warme plek

Koud was het vanmorgen. Ik hou er niet van. Ben er niet voor gemaakt. Opstaan in een koud huis. Het maakt me weemoedig. Beetje verdrietig. Het is sowieso een beetje droevige dag. Vanavond zal voor het laatst in De Kleine Kapel het avondgebed gehouden worden. Bijna zes jaar geleden werd begonnen met avondgebeden op een plaats die de naam kapel nauwelijks verdient. Een eenvoudig ingerichte ruimte achter een pastorie van de kerk aan de Noetselerweg in Nijverdal. Een grote kaars, kaarsjes, een kunstwerk, een oude bijbel, een goa stok, een tafel met stoelen, boekjes, schrijfmateriaal, een koffiezetapparaat en een waterkoker met wat daarbij hoort. Apparatuur voor muziek. Niks bijzonders eigenlijk. Een klein groepje gelovigen verzorgde de gebeden en organiseerde een aantal activiteiten. Het werd een soort van geloofsgemeenschapje dat er voor zorgde dat de kapel iedere dag open was voor willekeurige bezoekers die er even wilden verpozen. Er voor zorgden dat de kapel er netjes uitzag en dat de avondgebeden konden doorgaan. In de corona tijd iedere dag. Daarna een paar keer in de week. Het bleef een klein groepje, dat afwisselend uitdijde en afslankte, maar met een vaste kern. Een groepje dat haar thuis vond in de kapel.

De pastorie wordt verkocht en daarmee verdwijnt het bestaan van de Kleine Kapel Noetsele. Als plek niet als ‘geloofsgemeenschapje.’ De kerk heeft een nieuwe plek aangeboden, een plek die vast ook een thuis gaat worden. Een warme plek. Maar vooralsnog overheerst de weemoed om wat voorbij is, om het afscheid van een plek, waar het goed was, waar mooie momenten werden beleefd.

Gewoon opnieuw beginnen. Toen ik vanmorgen naar buiten ging voor de ochtendwandeling, scheen de zon en werd ik langzaam warm. Toen ik langs de weilanden liep kwamen twee paarden naar me toe om geaaid te worden. Ze waren nog nat van de morgendauw. Ze bleven kijken terwijl ik mijn oefeningen deed. En terwijl ik onder een schitterende boog van herfstbomen naar huis liep bedacht ik dat onder de ritselende bladeren in de grond het nieuwe leven al weer bezig is zich voor te bereiden op de lente. Nog niets van te zien maar het is er wel. Zo zal het zijn. Ook voor de Kleine Kapel.

de mantel der liefde

Vandaag is het de gedenkdag van Sint Maarten. Op allerlei plaatsen gaan vanavond kinderen langs de deur met lampionnen. Ze bellen aan en zingen een lied. Als bedankje krijgen ze wat lekkers. In streken waar het gebruik leeft hebben de inwoners de zakken met snoep al klaar staan. De datum 11 november herinnert aan een dag in 397 toen bisschop Maarten van Tours werd begraven. Deze bijzondere man bekommerde zich om de arme en zieke mens. Hij deelde alles wat hij had uit aan de armen. Toen hij niets meer had sneed hij met zijn zwaard zijn mantel door midden en gaf de helft van zijn jas aan een bedelaar.

Al tijdens zijn leven was hij geliefd en werd hij vereerd. Om zijn eenvoudige leven ondanks zijn hoge positie als bisschop. Na zijn leven werd hij heilig verklaard. Hij werd de beschermheilige van de armen en de soldaten. Vanaf toen werden er op 11 november bedelfeesten voor kinderen gehouden en tot op de dag van vandaag is het langs de deuren gaan op 11 november een gebruik dat nog in veel landen en streken stand houdt. Ook in ons land. Het zijn allang geen arme kinderen meer die langs de deuren gaan en de religieuze betekenis leeft nauwelijks meer. Het is gewoon een volksgebruik geworden.

Gister was het 10 november de dag van de mantelzorger. En ook dat is een link naar de uit Hongarije afkomstige bisschop van Tours. Een professor in de gezondheidszorg verzon de naam voor de man of vrouw die de zorg op zich neemt voor een ander, zoals de partner, een familielid, een buur, een vriend of een bekende. Als een mantel die warmt en beschermt. De naam herinnert ook aan de mantel van Sint Maarten. Op de dag van de mantelzorg worden de mantelzorgers in ons land even in het zonnetje gezet. Het zijn er volgens de statistieken miljoenen.

Kerkgangers van de Protestantse Gemeente in Nijverdal mochten bloemen meenemen om uit te delen aan mantelzorgers in hun omgeving. Ik heb er een paar uitgedeeld aan buurtbewoners. Die waren blij verrast. Opvallend dat deze buurtbewoners niet alleen liefdevol en zorgvuldig voor hun zieke partners zorgen maar ook sociaal zijn in de rest van hun leven. Naast hun drukke bestaan als mantelzorger zijn ze actief in buurt en maatschappij, in de wereld om hen heen. Het lijkt soms alsof de wereld een grote chaos is, maar wat zijn er veel lichtjes en wat is er veel liefde, wat is er veel warmte in de koude maand november 2024.

inpakkunst

De Bulgaarse kunstenaar Christo Vladimirov Javacheff is bekend om zijn inpakkunst. Hij wilde ‘omhullen om te laten zien.’ Door grote gebouwen in te pakken, aan te kleden, wordt de aandacht gericht op de vorm van de berg, de brug of het gebouw. De details zijn uit zicht, leiden niet af van de vorm. De toeschouwer kijkt met nieuwe ogen. Zo trok hij miljoenen kunstliefhebbers naar de Pont Neuf in Parijs, naar de Reichstag in Berlijn en een rotsenkust in Australië. Zijn grootste wens was de Arc de Triomphe in te pakken. Samen met zijn vrouw Jeanne-Claude was hij immers ooit op een klein kamertje met zicht op de Arc de Triomphe begonnen met inpakken: vaasjes, flessen, stoelen. Het werd hun levenswerk. Zijn vrouw zorgde voor de public relations, hij voor het concept en de uitvoering. Ze werden wereldberoemd. Ze bekostigden hun werk met de verkoop van tekeningen en aan hun kunst gerelateerde artikelen. Er kwam geen sponsor of subsidie aan te pas. De kunstenaar overleed in 2020 voor zijn wens in vervulling ging. Maar zijn zoon ging met het concept van zijn vader aan het werk. September 2021 werd de Arc de Triomphe verpakt in 25000 vierkante meter zilverblauwe stof gedurende 16 dagen. Zes miljoen mensen kwamen kijken. Naar de vormen van de Arc en hoe de wind en de zon speelden met de prachtige recyclebare stof.

Daar moet ik aan denken als ik naar de bakker ga hier vlak achter mijn huis. Het pand is in verband met een opknapbeurt ingepakt in een groot wit zeil. Het gekke is dat ik me niet eens meer precies kan voorstellen hoe het er uit zag voor het werd ‘ingepakt.’ Er is geen kunstenaar aan te pas gekomen en het materiaal is niet zijdezacht. Maar het beweegt wel mee met de wind en schittert in de zon. Het geluid mag er ook wezen.

Inpakken zou je denken is om iets mooi te maken of te beschermen, iets juist mooier te maken dan het is of iets juist niet te laten zien, iets te verbergen. De visie van Christo is anders, hij omhult, hij kleedt aan. Niet om iets te verstoppen, maar om de essentie, de vorm te tonen. In een mooie jurk. In de zon, in de wind, in de regen. Het omhulsel beweegt, verandert, maar de kern blijft hetzelfde.

Maar als je de winkel in wilt moet je wel een gat maken in het omhulsel. En als ik de luxe Deense broodjes uit de gebaksdoos wil halen moet ik wel het plakband lossnijden met een mes.