Franciscus uit Polen

Daar staat hij. Je kan hem niet over het hoofd zien als je rond kijkt in de kamer. Een woeste hond zorgde voor de beschadigingen. Daarom verdween hij lang in een kast. Maar bij een verhuizing kwam hij weer tevoorschijn en zag ik opnieuw hoe mooi hij was, ook, zelfs, met die beschadigingen. Ze vallen mij niet meer op.

Franciscus. Ik ben gek op het beeld. De kleuren, het bijzondere blauw, de ingetogen blik van de figuur. De neergeslagen ogen. Het primitieve. Een soort van boom met een tak. Met een paar dezelfde blaadjes. Twee vogeltjes, waren het er ooit geen drie? De verhoudingen die helemaal niet kloppen. Een kindertekening.

In 1980 gingen we naar Polen. Op advies van goede vrienden die er al jaren heen gingen en dol enthousiast waren over het land, haar inwoners en de natuur. Ik was minder enthousiast, ik werd pas weer enthousiast toen we de grens van Oost Duitsland over gingen naar West Duitsland. Ik stond doodsangsten uit bij de grens waar je uren stond te wachten tot je eindelijk verder mocht. De dreigende grensbewakers in uniform, bewapend met geweren boezemden me angst in. Ik was steeds maar bang dat er misschien iets niet in orde zou zijn met de papieren of dat er toch iets gevonden zou worden in de bagage. Ik had geen moment het gevoel lekker op vakantie te zijn. Lekker uit eten, of iets drinken op een terrras, ho maar. Winkels die bijna leeg waren. Het was ook nog slecht weer. In Warschau kochten we het beeld, om onze zloty’s op te maken. Het enige wat ik de moeite waard vond in een soort van souvenirwinkel met ambachtelijk houtwerk. In gedachten was ik al op de terugreis.

Lang heb ik gedacht dat het Jezus was, bij ons op de schouw. Pas veel later realiseerde ik me dat het Franciscus was. Dat ik dat niet eerder had gezien had te maken met het feit dat ik me niet zo bezig hield met heiligen als protestants meisje.

En wat werd ik wijs met het beeld. Hout en was. Prachtige vrolijke kleuren. Primitief. Eenvoudig. En hadden we niet een paus uit Polen ? En kwam er niet een paus die zich Franciscus liet noemen? En was Franciscus van Assisi niet een van de grootste heiligen uit de geschiedenis van de katholieke kerk? En heb ik niet heel veel opgestoken van Franciscaan Felix die deel uit maakt van het team van de Kleine Kapel in mijn woonplaats en die ons altijd vrede en alle goeds toewenst?

Nee die reis naar Polen had voor mij niet gehoeven, maar dat beeld zou ik voor geen geld hebben willen missen. Een beetje kapot beeld van een heilige, dat past me wel.

  • Franciscus van Assisi was de zoon van van een rijke koopman. Hij verkocht zijn bezittingen en koos voor een leven van armoede en geloof. Hij stichtte de Franciscaner kloosterorde. Hij is vooral bekend om zijn liefde voor de natuur en de dieren. In 1228, 2 jaar na zijn dood werd hij heilig verklaard. Assisi, de geboorteplaats van Franciscus( 1182) is een plaatsje in Umbrië , Italië.

* Aflevering 4 uit de serie Reis door mijn kamer (Voyage autour de ma chambre), juni, juli 2025.

de keukentafel

10 Jaar geleden vond ik hem in de kringloopwinkel in Tubbergen. De tafel voor in de keuken. De eettafel. 85 Euro. Ik was met ons wandelclubje, de Golden Girls. We hadden een prachtige wandeling door het Twentse land gemaakt en kwamen langs de winkel toen het begon te regenen. Even schuilen in de winkel en gelijk maar even rondsnuffelen. En toen stond hij daar. Ik moest nog een eettafel voor in mijn nieuwe leven weer alleen. Ik moest ook op de centjes letten, en deze tafel stond me aan. Sober, klooster, kroeg, hout, niet te groot, niet te klein en niet te duur. Wat vonden de dames er van? De dames adviseerden unaniem: doen. Er kwam een sticker op de tafel ‘verkocht’ en enkele dagen later werd hij opgehaald.

Het is de plek waar het meeste gebeurt in het huis. Waar ik het meest ben. Daar wordt ontbijtje genuttigd, de krant gelezen, geschreven, gegeten, koffiegedronken, wijn of bier, gesprekken gevoerd, een spelletje gespeeld. Daar zitten we ook meestal als ik bezoek krijg. De stoelen passen er goed bij. Af en toe leg ik er een kleed over, voor de kerst of een andere feestelijke gelegenheid. Maar uiteindelijk haal ik het kleed er toch altijd weer af omdat ik dat toch het mooist vind. Maar altijd een bloemetje erop. Een kleurig bloemetje. Een mooie bos of een vers geplukt bosje langs de kant van de weg. Of eentje uit een grote bos, eentje die nog mooi is gebleven.

Aflevering 3 uit de serie Reis door mijn kamer. (Voyage autour de ma chambre)

de rooie deur

Daar zou ik ‘spiet’ van krijgen. Van die rooie deur. Net als van allerlei andere dingen. Zoals de open trap en de ‘open’ deurloze benedenverdieping. De aannemer vond het niks. Om mij heen werd er ook negatief op gereageerd. Lacherig over gedaan. Ach ja jij: ‘ie bint ‘n apatn.’

In Hilversum was de kleur van de voordeur bepaald samen met vriendin J. We kwamen op rood omdat het mooi paste bij wit en grijs. Zo zou het toch een beetje een huis in de stijl van de Stijl* worden. Primaire kleur rood en ‘niet-kleuren’ zoals grijs en wit. Wit boven en verschillende grijzen beneden. En een deur die er uit moest springen. Een contrast. Rood. De kleur van de liefde. We filosofeerden over de vele symbolische betekenissen van en associaties met de kleur rood. Zo spraken we over het verhaal in de bijbel van het scharlaken rode koord dat de hoer Rachab aan het raam van haar huis op de stadsmuur van Jericho bevestigde, als teken voor de Israëlieten het huis te ontzien bij de aanval op de stad. Uit dank dat zij twee spionnen geholpen had en beschermd. Als enige werd zij en haar familie gespaard bij de verovering van Jericho door de Israëliërs. Dankzij het rode koord.

Ik heb geen spijt gekregen. In tegendeel. Ik vind het nog steeds een mooi huis met een mooie deur. Als mensen vragen waar ik woon, verwijs ik naar de rooie deur. De enige in de straat. Niet te missen. En dan ook nog de verbinding met de buurt hier tegenover: Het Rooie Dorp.

Er hangt nu een briefje op de rode deur: Hallo, kom maar achterom 🙂

  • De Stijl was een Nederlandse kunstbeweging ontstaan in 1917. Het Rietveld Schroderhuis was een voorbeeld van De Stijl architectuur. Kenmerken waren: strakke lijnen en vlakken, geometrische vormen primaire kleuren en non-kleuren (grijs en wit). Gebouwen met duidelijke geometrische vormen en een heldere kleurverdeling. De architectuur was gericht op functionaliteit en eenvoud, waarbij de vorm volgde uit de functie. (Wikipedia)
  • Jozua 2: Rachab een prostituee( nb ook wel als herbergierster aangeduid) redt spionnen van het Israëlische volk uit handen van de koning van Jericho. Zij verborg de verspieders op het dak van haar huis onder bossen vlas. Ze liet de spionnen toen het gevaar geweken was ontsnappen uit haar raam aan een rood koord.
  • Aflevering 2 van de serie Reis door mijn kamer. (Voyage autour de ma chambre)

madame a 65 ans

Ja dat is altijd lastig in het Frans. In het Nederlands zeg je, zij is 65 jaar en in het Frans zeg je, zij heeft 65 jaar: Elle a 65 ans. Dat klinkt toch positiever zou je kunnen zeggen. Je hebt maar mooi 65 jaar gekregen. En dat heeft ze vandaag: onze Bea, onze juf, onze collega Frans. Soixante-cinq ans! En dat zou je niet zeggen als je haar ziet sjouwen met haar tassen door de gangen van Reggesteyn. En dat zou je niet zeggen als je haar druk bezig ziet met besognes voor de school, of voor haar leerlingen of voor de sectie, of voor haar vak, of voor haar collega’s of voor haar oud-collega’s of voor.. En dan heeft ze ook nog kinderen, en een kleinkind, en een hond en vriendinnen en doet ze ook nog heel veel voor haar kerk. Ze heeft veel te geven met al haar 65 jaren.

Maar het is wel zo, ze is nu echt 65. Ja, het klopt ze is zelfs lid geworden van de ouderenbond. Ja ze moet ook wat rustiger aan doen. En denkt ze ook al niet een beetje na over een elektrische fiets? En aan haar pensioen? Ja Bea wordt een beetje ouder, maar ze blijft fris en vrolijk, actief, geïnteresseerd en op de hoogte.

Je kan goed genieten: in gezelschap en in je eentje Bea, je bent sociaal, een verbinder, hartelijk en scheutig met complimenten. Daarom deze Wiske ook met complimenten voor jou! Een hele fijne verjaardag toegewenst en een heel mooi nieuw levensjaar. Vol vrede en alle goeds. Je bent een mooi mens. We zijn blij met je.

Bisous van Wiske en de collega’s

morning has broken 2

Het is kwart over acht in de morgen. Vanuit mijn bed kijk ik uit op het terras. In het raam van de openstaande deur zie ik het piepkleine wilde tuintje achter mijn huis weerspiegeld. De zon schijnt. De vogels kwetteren. Het is een prachtige morgen. Een lied komt naar boven. Het lied. Morning has broken. Van Cat Stevens.

Ik zoek het nummer op. En speel het af. Het is mooi. Het is en blijft* een wonderschoon nummer. Op de een of andere manier vertaalt het mijn gevoel. Mijn mooie-morgen gevoel. Een nieuwe dag. Een nieuw begin. Ik stuur het door naar een vriendin. Zij houdt ook van het lied en ik weet dat het vandaag een bijzondere dag voor haar is. Ze appt me terug dat zij dat lied ooit eens cadeau gaf op een singletje. Maar dat die ander niets met het lied had. Dat kan. Dat jij diep geraakt wordt door iets. Dat jij van de daken zou willen schreeuwen, hoe mooi, hoe fijn, hoe gelukkig, het is; het je maakt. En dat die ander het niet zo voelt, het niet snapt, de schouders op haalt. Je wilt het delen met de wereld. Maar de wereld interesseert het niet.

‘Misschien vind je het niks‘, vond ik een half uur later bij een muziekje op you tube in de mail. Een nummer van ene Grace Potter*. Woodstock. Doorgestuurd door mijn goede vriend M. Ik kan me voorstellen dat hij ‘in de ban’ was van het nummer, zoals hij schreef maar ik weet zeker dat hij iets heel anders hoort in het lied dan ik. Blij zijn met iets, geraakt, ontroerd, we willen het graag delen. Een soort menselijke behoefte schijnt het. Als hij vrijdag komt met een thermoskan met koffie en wat lekkers van de bakker gaan we er over praten. Wat het is, of het kan: begrijpen wat de ander voelt en waarom we onze blijdschap, ons geluk zo graag willen uiten. En delen.

* 6 November 2017 schreef ik ook al over Morning has broken

* Grace Potter and Joe Satriar cover Cortez the Killer

  • Juni 2025. Terwijl iedereen op reis is of gaat maakt Wiske een ‘Reis door mijn kamer‘ (Voyage autour de ma chambre). Geen huisarrest vanwege een duel zoals Xavier de Maistre in 1794 maar vanwege een heupoperatie. Aflevering 1.

bericht uit het AZC Barendrecht

Blz 67

Vanaf de eerste dag in Barendrecht waren we blij met de de rustige omgeving. In tegenstelling tot andere plaatsen is het hier stil en kalm. Binnen het AZC hadden bewoners soms meningsverschillen, maar ze eindigden altijd in goede harmonie. Er zijn fietsen bij het AZC en daarmee begon ik rond te rijden in Barendrecht. Ik bezocht een watermolen in Pendrecht. Een van de vrijwilligers liet me zien hoe de molen werkte en ik hielp hem’s ochtends daarmee. Toen hoorde ik in het AZC dat er vrijwilligers klaar stonden in de bibliotheek om Nederlandse les te geven. In de bibliotheek ontmoette ik veel interessante en vriendelijke mensen zoals Jo Polak die me les begon te geven in de Nederlandse taal. Hij trad ook op als coach. Hij was heel open toen hij over zijn leven sprak en over het dagelijks leven in Barendrecht. Ik heb ongeveer vier maanden met vrijwilligers in het AZC gewerkt om de buitenkant van ons verblijf schoon te maken en ik heb ook maandenlang voor andere mensen vertaald. Zo heb ik daar veel andere mensen geholpen. Inmiddels heb ik mijn oranje bankrekening gekregen, zoals veel Nederlanders die hebben. Ik ga vaak naar de sportschool. (Blz 66)

Nu kijk ik vol goede moed naar de toekomst. Ik ben blij dat het COA mij gebeld heeft met de verheugende mededeling dat ik met mijn moeder in Nederland mag blijven. Hopenlijk kunnen mijn vader en jongste zusje uit Irak ook naar Nederland. Nu kan ik nadenken over werk- en studiemogelijkheden. Ik hoop dat ik met mijn ervaringen als designer en AutoCAD vaardigheden bij een bedrijf in Barendrecht aan het werk kan. (blz 69)

Uit het boek ‘Overleven was ons motto’ het verhaal over het leven van Nader (2000, Damascus, Syrië) de ontberingen van de vlucht uit Syrië van Nader, zijn ouders en zusjes. ‘De oorlog in Syrië heeft diepe en blijvende wonden geslagen. Daarbovenop kwamen alle vreselijke ervaringen die ik onderweg in verschillende landen heb meegemaakt.’ Zijn vader en jongste zusje verblijven na allerlei vluchtpogingen en omzwervingen nog steeds in Irak.

Het boek is een uitgave van Bibliotheek AanZet, http://www.bibliotheekaanzet.nl , waar het boek ook te bestellen is. Het boek is geschreven door Nader Labbad en mijn goede vriend Jo Polak. Een indrukwekkend verhaal, een hoopvol verhaal ook.

‘Overleven was ons motto’, biedt stof tot nadenken over hoe we vluchtelingen het beste kunnen ondersteunen op hun weg naar integratie.(de Bibliotheek AanZet op de omslag)

wit licht

In het bushokje zitten twee oudere dames te wachten op de bus die naar het station gaat. Ze kijken omhoog naar de voorbijvliegende wolken aan de overkant boven het hoge gebouw. Ze zeggen het een paar keer. Dat de wolken zo mooi zijn. Zo mooi wit. Een van de dames begint te neuriën. De andere dame herkent het blijkbaar. Ze begint mee te zingen. Een kinderliedje? Iets met witte wolken. Ze stopt onmiddellijk als er twee andere mensen aan komen lopen. Die gaan ook met de bus mee. Het echtpaar heeft geen oog voor de wolken. Ze discussiëren luid over de vertrektijd van de bus. Als de bus er aan komt halen ze opgelucht adem. ‘Oh gelukkig.’ ‘Toch.’ Het echtpaar stapt in. De oudere dames nemen afscheid van elkaar en zwaaien tot de bus de hoek om gaat.

In een documentaire over bijna-doodervaringen op NPO2 op zondag 25 mei spraken een paar mensen over hun bijna-doodervaringen. Een wetenschapper vertelde dat er in het verleden wat lacherig over dit verschijnsel werd gedaan en het als wensdenken werd weggezet. Maar wetenschappelijk staat wel degelijk vast dat er zo iets bestaat. Inmiddels is er veel onderzoek gedaan en zijn er talloze boeken* over ‘bijna-doodervaringen’ verschenen. Uit onderzoeken komt naar voren dat mensen echt even dood zijn geweest, dat ze vaak spreken over een meer dan gelukzalig gevoel, dat in sommige gevallen het leven in een flits aan hen voorbijtrekt, dat ze zichzelf zien liggen en dat ze om zich heen heel mooi licht zien met zachte kleuren. Een tunnel van wit licht. Maar ‘zij’ moesten terug. Alle drie geïnterviewden hadden heimwee naar dat gelukzalige moment. Ze hadden niet teruggewild. Ja natuurlijk waren ze blij dat ze nog leefden en terug waren bij hun geliefden maar wat hadden ze een prachtig moment beleefd. Het had hen veranderd. Een vrouw vertelde dat ze nooit meer zo veel liefde had gevoeld als toen op dat moment. Zo zacht, zo vrij, zo licht.

Als de bus uit zicht is gaat de oude dame nog even zitten op het bankje in het bushokje. Na een diepe zucht staat ze op en loopt ze behoedzaam naar de oversteekplaats. Ze drukt op het zwarte knopje aan de paal met het mannetje erop. Het licht staat op rood. Ze moet nog even wachten.

  • NPO 2 Kruispunt, Documentaire Licht aan het eind van de tunnel, februari 2025, herhaald op 25 mei 2025.
  • Ditta op den Dries uit Nijverdal (tot voor kort chef eindredactie bij De Twentse Courant Tubantia) schreef De Tweede Helft: ‘hoe een Bijna-Doodervaring levens veranderde.’

80 Jaar Bevrijding. 22 Mei 1945. Oorlogsverhaal J.A. De Bruine

Gilles: “Zittend op de schouders van mijn opa zwaaide ik met mijn zakdoek naar het grote grijze schip, dat zich losmaakte van de kade. Daar gaat je vader zei mijn opa. Zes jaar later zat ik op de hooiwagen van oom Piet. We reden door het dorp en een militaire vrachtauto reed ons tegemoet. Op de treeplank stond een man in een mooi uniform. Hij riep: hee Piet ! Daar gaat je vader, riep oom Piet.

Didi: “ De papa van na de oorlog kwam aan het eind van de oorlog thuis. 22 Mei 1945. (Jarenlang op 22 mei een gebakje gegeten.) Doordat m’n moeder nog niet aan de Valkenburgseweg woonde, moest de chauffeur nog zoeken. Maar de legerwagen was toen wel bijzonder in het dorp, dus was al gauw gearriveerd bij het huis achter de Roskam. De thuiskomst was een feest. Heel het dorp stond of liep bij ons voor de deur. De mooie vader in z’n marine-outfit was het middelpunt. Hij had ook sigaretten dus vrienden genoeg. De mooie borden werden uit de kast gehaald. Ik geloof dat een van de kinderen iets bij de bakker had gehaald. De Harmonie van Katwijk-Binnen speelde. M’n vader en moeder werden in de lucht gehesen en het was een groot feest. Toen we eindelijk naar binnen gingen konden we eindelijk die lekkere broodjes opeten. (Dat was toen heel wat. Eten was heel belangrijk in die tijd.) “

Adrie: “ Bijna zes jaar lang die leuke vent op de foto. Toen zomaar voor de deur die vreemde man, die mijn moeder deed huilen. Een slechte start. Toen na jaren de ergste grilligheid geluwd was, was hij een sportieve, meelevende, maar zeker ook liefhebbende trotse vader voor mij.”

  • Gilles was 8, Didi 7, Adrie 5 jaar oud op 22 mei 1945
  • Teksten uit het herinneringsboekje ter gelegenheid van de 100-jarige geboortedag van Johannes Arie de Bruine 5 april 2009.

7. Brief uit Canada. Oorlogsverhaal van J.A. de Bruine

Hij had dus wel gesproken over toen, of beter: geschreven. Gereageerd op een advertentie in een blad met de naam Ons Recht. Eind 1972, twee jaar voor zijn overlijden. Iemand met wie hij ‘in de opleiding’ had gezeten en die net als hij bij de OnderZeeDienst had gediend. En die net als hij ‘behoorlijk fed up’ was geweest na de oorlog. Iemand aan wie hij blijkbaar een brief had geschreven en voor wie hij een luikje open gedaan had over ‘toen.’ Ene Piet die na de oorlog net als hij ‘met toekenning van pensioen uit dienst gestapt na een heleboel moeilijkheden’ en naar Canada geëmigreerd en daar een nieuw leven opgebouwd. De brief zat ergens in een envelop tussen de brieven van mijn vader en was er kennelijk door mijn moeder aan toe gevoegd na het overlijden van onze vader in 1974.

Het luikje was dus een klein beetje opengegaan eind 1972 in een brief aan Piet Barzelay in Pictou Canada. Piet schrijft hem begin januari terug en besluit de brief liefdevol, vaderlijk bijna:

Ik heb nog wel het een en ander te vertellen, maar wil daarmee wachten totdat ik weer wat van jou gehoord heb. Bedankt voor het schrijven Ko. Ik vond het reusachtig, en als je weer eens een paar minuten tijd hebt, klim in de pen he? Met hartelijke groeten, ook aan de familie, Piet

27 November 1974 overleed onze vader, onze moeder overleed ruim 30 jaar later in 2006. Tussen de brieven die we na de dood van ma vonden in de linnenkast zat ook de blauwe luchtpostbrief uit 1973 van Piet Barzelay uit Canada. Ik vroeg me af wat pa geschreven zou kunnen hebben en of er nog meer brieven zijn verstuurd en of die Piet op de hoogte was van het overlijden van pa in 1974. Dat pa een fatale hartaanval kreeg na een gesprek in Rotterdam met een ouwe maat en dat hij ruim een jaar voor zijn dood reageerde naar een maat uit de OnderZeedienst van vroeger geeft aan dat het luikje naar ‘toen’ niet helemaal dicht is gebleven.

In het zakagendaatje van Pa dat wij aantroffen na zijn dood las ik aantekeningen van wat hij zoal had gedaan in het jaar 1974 en teksten die hij blijkbaar mooi vond of die hem troostten. Bijbelteksten. En deze van Augustinus:

Ons hart is van binnen onrustig. Totdat het rust vindt in U.

Dat we anno 2025 een paus hebben die Augustijn is, in de tijd dat ik aan het schrijven ben over mijn vader vind ik wonderbaarlijk: het bewijs dat toeval niet bestaat en dat alles met alles verbonden is, dat niets verloren gaat. Het ontroert me. Die onrustige pa van ons, die kinderlijk gelovige man: voor zoveel bang geweest maar niet om te sterven: zijn rust gevonden.

Laatste Oorlogsverhaal J. A. de Bruine? Nee 22 mei 2025 komt er nog eentje in de serie Wiskes over het Oorlogsverleden van mijn, onze vader Johannes Arie de Bruine. 22 Mei, de dag dat Pa terug kwam na zes jaar in 1945. Met de verhalen van de kinderen Gilles, Didi en Adrie over die dag opgetekend in een herinneringsboekje ter gelegenheid van de 100e geboortedag van pa, samengesteld door Bouke Meindersma en uitgedeeld op de familiedag 5 april 2009 in Luttenberg. Wordt vervolgd dus… woensdag 22 mei.

Voor de hele serie Oorlogsverhaal J. A. de Bruine naar beneden scrollen of wildebruine.blog

6. De maan. Oorlogsverhaal van J.A. de Bruine

Er werd niet over gesproken’, de woorden zijn vaak langsgekomen in de afgelopen weken dat 80 Jaar Vrijheid herdacht en gevierd werd. En wat een verhalen kwamen er te voorschijn. Verteld, gefilmd, gespeeld, uitgebeeld in kunst, in gedichten. En. Wat werd het vaak gezegd, dat er ‘nooit iets over verteld’ is.

Echte helden getuigen zelden. Maar dat is niet de reden dat er gezwegen werd. Het is niet per se bescheidenheid.

‘Praat er over.’ Maar moet dat? Is dat beter? Is het laten rusten van het verleden niet verstandiger? En hoe komt het dat mensen er niet over willen of kunnen praten?

Voor Gilles, Didi en Adrie gingen slapen en voor moeder de Bruine de gordijnen dicht deed, keken ze nog even uit het raam. Als ze de maan zagen zwaaiden ze samen naar de maan. Aan de andere kant van de wereld zag papa de maan ook. Zo waren ze met elkaar verbonden. Zwaaien naar papa.

Het verhaal van de maan is inmiddels ons familieverhaal. Ik doe het ook, deed het ook toen mijn zoon in een ver land was, samen met mijn kleinzoon: zwaaien naar de maan, naar papa. Het hoeft niet ver weg te zijn, voor het slapengaan even naar buiten kijken naar de maan en denken aan iemand die je lief is. Anno 2025 kun je dan zelfs een foto sturen van het moment: Ik denk aan je, ik vergeet je niet, we zijn verbonden.

Het verhaal van de maan herinnert aan onze familiegeschiedenis. Drie kindertjes bij het raam, zwaaiend naar de maan, naar papa: het verhaal van toen, van de oorlog.

J.A. de Bruine heeft ons met veel vragen achter gelaten. Dat is eigenlijk het oorlogsverhaal van onze pa. Vragen. Wat is er toch allemaal met je gebeurd? En hoe heb je helemaal in je eentje, in jezelf, met jezelf, de weg teruggevonden om weer mens te worden, een vrolijke liefdevolle vader en echtgenoot, de papa waar ik zo van hield en hou?

Het zij zo. Het is goed. We hoeven niet alles te weten of te begrijpen. We weten niet hoe het precies zit en of het kan maar we zwaaien gewoon naar de maan.

Wordt vervolgd….

Het oorlogsverhaal van J.A. de Bruine in 7 verhalen/Wiskes/blogs, zie voor de eerste vijf verhalen http://wildebruine.blog_

Foto: Rutger Saathof: Moederdag 11 mei 2025, 22.15