Francesca Lollobrigida

Nog steeds geen medailles voor de Nederlandse schaatsers. Maar dat mag de pret niet drukken. Tijdens de Olympische Spelen zit ik aan het beeld gekluisterd. De openingsceremonie bekeken en op de eerste dag het schaatsen. Dat de Italiaanse Francesca Lollobrigida heel hard aan het schaatsen was, had me niet verontrust. Ik was er van overtuigd dat er na haar wel iemand ‘over heen’ zou gaan. En dan bij voorkeur onze eigen Twentse Joy Beune. Maar dat was niet het geval. Dat Francesca al 35 is en moeder: ach wat leuk. Maar ik werd enthousiast toen ik haar op het podium zag. Groen gelakte nagels. De hand op het hart. Uit volle borst het Italiaanse volkslied meezingend. Alle regels. Ik werd er blij van. Vrolijk. Ontroerd.

Gek eigenlijk, die volksliederen. Dat het je ontroert als je het ziet zingen zo uit volle overtuiging. De tekst van het Italiaanse volkslied is net zo onbegrijpelijk als het onze met de Koning van Spanje die we altijd geëerd zouden hebben. Het Italiaanse volkslied is een strijdlied tegen de Oostenrijkse overheersers. Het roept op tot eenheid en plichtsbesef en trots en liefde voor Italië. ‘Wij zijn tot de dood bereid’, zo eindigt het.

En dat wordt dan uit volle borst gezongen door de mooie Francesca, in de verte nog familie van de beroemde schoonheidskoningin, actrice Gina Lollobrigida.

Sporten voor het vaderland, nationalisme en sport, het is een wonderlijk fenomeen. En dan is er ook nog politiek en sport. Ik doe er niet aan mee, ik ga genieten van sporters. Van sport. ‘De mooiste bijzaak in het leven’ hoorde ik laatst.