the long and lonely road

Hij is een verwoed fotograaf. Mijn reisgenoot. Af en toe duwt hij me opzij: ga eens aan de kant. En dan gaat hij door de knieën, of op de tenen. Klik, even de blik op het apparaat of de foto gelukt is en hij staat al weer klaar om de volgende foto te schieten. Soms de handen hoog in de lucht, zonder te weten wat hij precies schiet. Honderden foto’s maakt hij per vakantiedag. Ik vraag me soms af of hij wel iets ziet van het mooie Zuid Afrika. Dat hij pas ziet waar hij is geweest als hij thuis is en de foto’s bekijkt. Maar daar vergis ik me in. Als ik zijn foto’s bekijk zie ik dingen die ik over het hoofd heb gezien.

Deze week kwam het fotoboek. En ere wie ere toekomt: het is een kunstwerk. Een feest om door te bladeren. Het boek ligt hier op een tafeltje. Er zitten een paar foto’s in die twee pagina’s beslaan. Dat zijn de toppers. Die bladzijden liggen open. Af en toe kijk ik er naar. Hoewel een foto nooit weergeeft wat ik zag toen, roept het wel de herinnering op en maakt de foto blij.

Gisteren belden we elkaar. We hadden het over de foto die ik het mooiste vond en waarom. Ik vertelde hem dat ik de foto van die verlaten weg op dit moment open had liggen. Ik herinnerde me dat we van een reis die we door Amerika maakten precies zo’n zelfde foto hadden. Op de terugreis vanuit Death Valley. Reisgenoot had binnen no time de foto uit zijn archief. 12 Jaar geleden. Hij wist het nog precies. Ik wist het nog precies. Hoe we daar met ons twee over die verlaten weg reden. Dat uit de autoradio Fields of Gold van Eva Cassidy klonk. En dat ik volmaakt gelukkig was. Zo’n moment dat je denkt: meer dan dit is er niet.

Foto’s: Bouke Meindersma 2012 Amerika, 2020 Zuid Afrika