De Gouden Muur

Maar wie eenmaal werkelijk achter de Gouden Muur is geweest, zoals u en ik, weet dat dat alleen schijn is en dat het daar in de besluitvorming net zon geïmproviseerde janboel is als er voor, bij de mensen thuis, op de universiteit, in ziekenhuizen of bij bedrijven. Dat het achter de Gouden Muur net zo’n armzalige uitdragerij is als er voor. Is iemand eenmaal door de Gouden Muur gedrongen wat ziet hij dan? Niets bijzonders. Gedoe van gewone mensen” (Harry Mulisch, De ontdekking van de hemel)

“Ik heb 8 jaar in de kerkenraad gezeten en toch het geloof behouden”. Mijn buurman, een serieuze gelovige. Achter de muur van de kerkeraadskamer ging het er vaak heftig aan toe, verre van christelijk. Net zoals in de raad, de docentenkamer, de bestuurskamer van de ideële instelling, de buurtvereniging, de sportclub. Goed dat dat binnenskamers bleef en blijft. Zo geloof ik graag dat ook in onze regeringsploeg af en toe even flink afgereageerd wordt. Want wat kunnen mensen zeuren, zeiken zeg het maar gerust, wat kunnen mensen lastig zijn. Alsof besturen zo makkelijk is.

Niet te moeilijk over doen dus?

Ho. Afreageren mag, moet zelfs. Maar daarna wordt er serieus nagedacht, besproken en besloten. Als er serieuze tactieken worden besproken en! genotuleerd om bewust informatie achter te houden en tegensprekers monddood te maken is het andere koek.

Degene die deze informatie gelekt heeft zou vervolgd moeten worden, lees ik. Of hij of zij dat uit morele overwegingen heeft gedaan of uit rancune? Ik ben blij dat de persoon het gedaan heeft. Bestuurders zijn er ten-dienste-van. Bestuurders dienen integer te zijn. Vanavond horen we wat er achter de Gouden Muur in Den Haag besproken is over de Toeslagenaffaire. Ik ben benieuwd. We moeten er toch vanuit kunnen gaan dat er achter de Gouden Muur mensen zitten met moreel besef. Dat op zijn minst één iemand geprotesteerd heeft. De vinger opgestoken. Of niet?