
Wat nu weer? Jantje keek zijn trainer met grote ogen aan. Vorige week was hij op de bank gezet na de eerste helft, nadat hij 3 goals had gemaakt. Nu had hij 4 goals gemaakt en kreeg hij in de pauze de boodschap mee dat hij geen doelpunten meer mocht maken. Hij mocht wel verder spelen maar alleen voor het team. Aan het eind van de wedstrijd was het 4-4. De trainer kreeg de week erop de wind van voren van de ouders en het bestuur. Aan het eind van het seizoen werd hij niet meer als trainer ingezet, vanwege zijn ‘eigengereide’ en ‘eigenwijze’ werkwijze. Al was zijn team wel netjes 2e geworden in de competitie. ‘Voetbal is een teamsport, alle spelers moeten aan bod komen en plezier hebben.’ En hij had er aan toegevoegd: ‘Jantje is zelfs een betere speler geworden en heeft de andere spelers beter gemaakt.’ Hoewel hij daar wel een punt had bleef het bestuur bij haar besluit.
Ik was het er helemaal over eens dat onze zonen naar voetbal, een teamsport gingen. Leren samenwerken, verlies en winst incasseren, de bal afgeven, ‘het gaat niet om jou het gaat om het geheel’, zijn wat mij betreft de ingrediënten van een teamsport waar je in je latere leven veel plezier van kan hebben.
Ik moet bekennen dat ik als ouder dat vaak vergat. Ik keek vooral naar hoe mijn kind het deed, en was trots op wat mijn kind presteerde minder dan op het geheel, de prestatie van het team. Ook al was en ben ik daarin niet de enige, het klopt niet. Wat wel klopt is dat de zonen van die teamsporten veel geleerd hebben over winnen, over verliezen, over de bal afgeven, over samenwerken, over ‘het geheel’ over ‘het gaat niet om jou.’
Gisteren was ik bij een concert in de Oude Blasisuskerk in Delden. Onder de titel Unity in Diversity (Eenheid in Verscheidenheid) was een muzikaal programma samengesteld van juweeltjes uit Europa’s muzikale erfgoed. ‘Inspiratie werd o.a. gevonden in het werk van de Libanese dichter Kahlil Gibran waarin de de metafoor van de luit centraal staat.’ lees ik in het programmaboekje.
‘De luit is een soort gitaar met zachte, warme en ingetogen klanken. Het is een instrument dat symbool staat voor harmonie, zuiverheid, voor innerlijke rust, voor de menselijke ziel.’
Laat er ruimte zijn in jullie samenzijn, zing en dans en wees vreugdevol, maar respecteer ieders eigenheid, zoals de snaren van een luit op zichzelf zijn, al doortrilt hen dezelfde muziek
De woorden van Kahlil Gibran werden werkelijkheid onder de gewelven in de Oude Blasiuskerk. Nu nog buiten in de grote mensenwereld, door de week, op je werk, in je team, of waar dan ook. Samen spelen, samen werken. Samen iets moois maken.