2019 Kanagawaka


De kalender voor het nieuwe jaar kreeg ik in september al op mijn verjaardag van een goede vriendin. Ik vond dat wel erg vroeg maar de Masterpieces van Hokusai waren wel een schot in de roos. Want ik ben gek op Japanse prenten en de De Golf van Kanagawa betekent veel voor mij. Hokusai is een prentkunstenaar uit Japan die leefde eind 18e eeuw begin 19e. Zijn werken zijn mateloos populair op dit moment, maar ook voor kunstenaars als Van Gogh en Degas was hij al een inspiratiebron. Hokusai maakt zijn meesterwerken rond zijn 70e jaar. Ik las over hem dat hij toen hij 70 werd ” enig inzicht” had verworven over de ware aard der dingen, vogels, dieren, insecten, vissen, grassen en bomen. Dat hij op zijn 80e vooruitgang hoopte te boeken en dat hij op zijn 90ste de diepste betekenis van de dingen zou kunnen weten en dat hij wellicht op zijn 100ste tot ware meesterwerken in staat zou kunnen zijn om uiteindelijk het volmaakte te kunnen ingaan. Dat vind ik een hoopvolle boodschap van een bescheiden en wijs mens op leeftijd. Het troost en bemoedigt mij als ik eraan denk dat ik volgend jaar de leeftijd van “enig inzicht” ga bereiken. Intussen zoek ik een mooi plekje voor de kalender en denk ik na over wat die prachtige golf mij vandaag te zeggen heeft. Meebewegen zou ik zeggen. Omhoog, omlaag, genieten van de hoogtepunten, de vergezichten. In zware tijden je vasthouden aan een stevig en degelijk vaartuig en je maatjes. Werken. Op elkaar vertrouwen, niet bang zijn. En als je niet weet waar je bent, kijk daar is de berg, de Fuji. Ook al zie je haar niet direct. Die is er. Die blijft. Die kan iedereen zien. Een oriëntatiepunt. Altijd. Overal.  Zo was het in 2018, zo zal het zijn in 2019. Ik verheug me op het nieuwe jaar. 

De beste wensen voor 2019 


Prent The great Wave off Kanagawa 1829-32 Katsushika Hokusai 

Foto 13 mei 2020 22.00 Avond boven het Rooie Dorp Nijverdal

Prettige Feestdagen

Misschien, heb je totaal geen zin in de zogenaamde “feest”dagen. Misschien is je relatie wel net uit. Of ben je voor het eerst alleen omdat je geliefde is overleden. Misschien heeft niemand jou gevraagd en heb jij ook niemand durven vragen. Misschien zie je als een berg op tegen dat “gezellige” familiediner, die tenenkrommende nietszeggende gesprekken, terwijl daaronder de ingehouden irritaties door de kamer vliegen. Misschien ben je wel doodmoe van dat opgeprikte leuk doen. Of misschien ken je wel helemaal niemand met wie jij de kerstdagen zou willen doorbrengen en verlang je al jaren naar die ene bij wie je zou willen horen.

Maar misschien verheug jij je juist op de voor jou heerlijke feestdagen, met je familie, je vrienden, voor het eerst met je geliefde, of misschien wel lekker in je eentje. Heb je de kamer versierd, de boom opgetuigd, draai je de Messiah op volle sterkte, ben je de keuken ingedoken en heb je je mooiste kleren alvast klaar hangen.

Misschien dat allemaal niet, of iets geheel anders. Maar hoe je er ook tegen aankijkt, weet dat Kerstmis het feest is van Het Kind, de Kwetsbaarheid, het Kleine. Laten we kind zijn, kwetsbaar, klein. Waar dan ook. Hoe dan ook. Weet dat Kerstmis het feest is van Het Licht. Laat het licht binnenkomen, vang het op, kaats het terug, straal het uit. Zoals een bergkristal. Wees het. Geef het door. Een licht, of een klein lichtje. En laten we niet ophouden te geloven dat het licht het wint van het donker. Tegen alles in. Ook anno 2023. Laten we het met elkaar zijn: Licht. Want we zijn toch met ons allen, we zijn toch met elkaar!

Prettige Feestdagen!!!

Bijgewerkt 24/12/23

Foto: Bouke Meindersma.

Bergkristal Resonantie: Jo Polak

Met elkaar : Sjors vd Panne

wie mag door?

Het economisch model van winnen en verliezen zit in de haarvaten van onze maatschappij. Zie de tvprogramma’s: Boer zoekt Vrouw, Wie is de Mol, Expeditie Robinson, The Voice. Zie de lijstjes: Politicus, journalist, boek, film van het jaar. Top 2000. Competitie, wedstrijd, met de bijbehorende termen: wie gaat er door, wie mag blijven en helaas jij gaat ons verlaten. Meer en minder, ste, kleinste, grootste, eerste, laatste. 

Miljoenen ogen zien hoe iemand vlijmscherp wordt gefileerd en afgeserveerd. Wat nieuw is en misschien wel verheugend dat winnaar en verliezer elkaar omarmen en troosten. Ik ben een groot fan van Hollands Next Topmodel. De kritiek van de jury is keihard en niets ontziend. Bibberend wachten de modellen op de uitslag. Huilend horen ze het oordeel aan. Tot mijn verbazing bedanken ze vaak nog heel beleefd de jury. Ik vind dat knap. Ook als ze door het slijk gehaald worden, blijven ze beleefd en onderdanig. “We waren blij dat we mee hebben mogen doen en hebben een geweldige tijd gehad”, aldus de verliezers en verlaters. Je moet tegen je verlies kunnen, heb ik vaak gehoord. Want ik ben een slecht, een chagrijnig verliezer. Ik kon dagen ziek zijn van een verloren basketbalwedstrijd in de Voordam. En ik was niet blij als ik had verloren met dobbelen. En mensen die zeggen dat meedoen, belangrijker is dan winnen wantrouw ik. Maar die topmodellen geloof ik, dat is het gekke. Ik denk dat ze het menen, en dat denk ik ook bij al die andere programma’s zoals The Voice. Hebben mogen optreden voor een miljoenenpubliek dat moet een feest zijn. Tegen je verlies kunnen, met opgeheven hoofd het veld verlaten. Weten dat je kunt verliezen, dat je gaat verliezen is een zekerheid als je meedoet aan wat dan ook. Als je leeft bijvoorbeeld. Het hoofd buigen, je tranen wegslikken en de jury bedanken dat je mee hebt mogen doen. Doe het ze maar na die jonge mensen, die jonge topmodellen.

verjaardagskalender

je naam staat er nog.

maar je bent hier niet meer.

waar ben je nu?

wat doe je daar?

ik hoop dat je niet meer bang bent, je vrij bent, je ogen stralen, 

dat je blij bent en vrolijk, dat je lacht

kom

sluit me nog een keer in je armen

neem mijn hoofd in je handen

voorzichtig

even

we doen de muziek aan 

niet te hard, niet te zacht, precies goed

we dansen

langzaam

voorzichtig

dat je niet valt

dat we niet vallen


Verjaardagskalender met gedichtjes van Hans&Monique Hagen met tekeningen van Marit Tornquist 

Gerard Lenorman: La Ballade des gens heureux 

nuance


Vrijdagavond ben ik er voor gaan zitten. Voetbal Inside, Veronica Inside, Johan Derksen. Na een week heftige discussies op de media wilde ik het wel eens met eigen ogen bekijken en aanhoren. Ik vroeg me regelmatig af wanneer de satire plaats maakte voor serieuze zaken. Grappen en grollen en dan ineens weer een degelijke analyse van een wedstrijd. Ik haakte gauw af en schakelde over op The Voice of Holland. Ook daar weet je niet wanneer iets echt is en wanneer gespeeld. Zijn de tranen van Ali B oprecht? Speelt Anouk het nurkse panellid of is ze dat echt? Het maakt mij niet uit eigenlijk als ze het speelt doet ze het heel erg goed en ik vind het heerlijk. Pleasers en naar-de-mond-praters hebben we meer dan genoeg. Niet interessant. Na The Voice bleef ik even hangen bij RTL Late Night met Twan Huys. Daar was Ilse de Lange en zij zong haar laatste hit. En hoe. “Lay your weapons down.” Prachtig.

 De maand december is begonnen. Gisteren de eerste advent. Het feest van het licht. Vrede op aarde. Zullen we eens ophouden te vechten? Over Zwarte Piet, over racisme, over homofobie, over te weinig vrouwen in de top 2000 of de schutting van de buurman? Lay your weapons down. Stop de agressie. Laten we zingen en dansen. Huilen en lachen. Lachen. Ja laten we lachen om ons zelf. Met elkaar. Om elkaar. 

burgemeester in oorlogstijd

Heeft de politie nou echt niks beters te doen? Dat dacht ik op 24 juli dit jaar toen ik het bedrag las dat ik moest betalen omdat ik 11 kilometer te hard had gereden op de Zwartewaterallee in Zwolle op een vroege zondagmorgen. Op weg naar de kerk notabene. Onuitstaanbaar. Maar alla te hard is te hard! 

Burgemeester Femke Halsema van Amsterdam gebruikte de woorden naar aanleiding van haar besluit het boerkaverbod in Amsterdam niet te handhaven. “Het past niet bij de stad en de politie heeft wel wat anders te doen”. Hoewel ik het toch een absurde situatie vindt dat een vrije en vooruitstrevende vrouw als Halsema zich op deze manier uitspreekt over het dragen van een boerka, geeft het vooral te denken dat zij min of meer zegt: ik, de burgemeester houdt me niet aan de wet. Ik dacht dat de burgemeester juist aangesteld is om de wetten te handhaven. En dat haar persoonlijke mening over zaken er gewoon helemaal niet toe doet, dat zij in die zin neutraal dient te zijn.

De burgemeesters van een paar andere grote steden hebben haar voorbeeld gevolgd. En ja landelijke overheid wat nu? Mogen, kunnen burgemeesters ongehoorzaam zijn aan het gezag van de overheid? In oorlogstijd waren er burgemeesters die dapper zich verzetten tegen de Duitse bezetters. Er waren er die het met hun leven hebben moeten bekopen. Een diepe buiging. Maar de overheid anno 2018 is democratisch gekozen. En uit de leden van democratische partijen worden burgemeesters gerecruteerd. Vaak komen die voormalige tweedekamerleden, of ministers er in de gemeente achter dat de in Den Haag bedachte regeltjes nog al eens botsen met de werkelijkheid. Denk aan het drugsbeleid, of het asielbeleid. Maar dat een gezagsdrager gewoon hardop zegt dat je de overheid niet hoeft te gehoorzamen? 

Van mij mag iedereen een boerka dragen trouwens, al zie ik liever een non in een zwierige pij met een nonnenkap en stoere sandalen. 

ode aan Vaders eigen oogst


Toeval? Dat ik bij dit schilderijtje uitkwam bij de expositie Eigen Oogst? Beetje Corot, de Franse schilder. De kleuren van Frankrijk. Het platteland. Het witte huis. De eenzame werker? Was het dat? Of de titel?: ” Vaders eigen oogst”? Ik ontdekte dat de maker, de schilder iemand was die ik kende. Iemand die mijn sympathie en bewondering heeft. De fractievoorzitter van de grootste partij in de gemeenteraad in de gemeente Hellendoorn. Dat kan ze dus ook. Naast al dat zware werk in de politiek, een bedrijf, vrijwilligerswerk, omzien naar de familie en vrienden, een schilderijtje maken. 

De oogst. Binnenhalen wat je hebt uitgezaaid. Helemaal in je eentje. Met je blote handen. In de zon. Diep bukken. Het lijkt niet erg waarheidsgetrouw, en toch. Het raakte me. Ik dacht aan het beroep van politicus. Dat is het wat ik zie in het schilderij. Het ondankbare geploeter vaak. Een onoverzichtelijke hoeveelheid. En wat bereik je nou uiteindelijk? Eenzaam, want als het er op aan komt kan iedereen je zo laten vallen. 

Maar misschien zie ik er iets in wat helemaal niet bedoeld is. Misschien is het een arme sloeber die de overgebleven aren opraapt, zoals Ruth in het bijbelverhaal. Ik weet het niet en ik wil het ook niet weten. Inlegkunde. Wat ik wel weet dat het geen toeval is dat ik bij dit schilderij stil bleef staan. Stoere vrouw, met een klein hartje. Sterk en kwetsbaar. Hard werken. Gewoon doorgaan. Aarde, lucht en water. Sober. Gewoon. Geen poeha. Thea ten Have. Vast een vaderskind. 

kunstkenner


Het eerste schilderij dat ik heb opgehangen na de verhuizing. Het blauwgroene vergezicht geschilderd door ooit mijn schoonvader. Ik hield ervan, hou er van. Om de kleuren, de luchten, het landschap van mijn geboortegrond. Het hing in onze kamer. Later op mijn werk waar ik er uren naar keek, al nadenkende, telefonerende, typende. Altijd verbaasd geweest dat de ongemakkelijke man die mijn schoonvader was, zulke ontroerende prachtige dingen kon maken. Want hij kon er wat van. 

Dat vond wat ooit de geliefde van mijn zoon was niet. De aankomende architecte maakte er gehakt van. Er klopte niks van het perspectief, de verhoudingen.

Iets dergelijks gebeurde vorig jaar bij de expositie Eigen Oogst. Eigen Oogst is een initiatief van een groep amateurkunstenaars in de gemeente Hellendoorn. Iedereen die het leuk vindt, te schilderen, te fotograferen, te beeldhouwen of wat dan ook maar beeldend wil uitdrukken, kan een werk inleveren, wat vervolgens de hele maand bekeken kan worden in een voormalige fabriekshal van Ten Cate. Een plaatselijk journalist had bedacht een plaatselijk  atelierhouder te vragen de werken eens met een kennersoog te bekijken. En dat deed hij. En dat was niet mals. Gehakt. En daar kwam reuring van. Mensen die zich zwaar gekwetst voelden vanwege de opmerkingen van de galeriehouder. Er zijn gesprekken onder vier ogen aan te pas gekomen om de verhoudingen enigszins te herstellen. 

Achteraf geen goed plan om zoiets te doen. Je vraagt Jaap van Zweden ook niet om een plaatselijk harmonieorkest te beoordelen. Die zou waarschijnlijk wel tactischer geweest zijn. En wat is een plaatselijke galeriehouder nou helemaal. Wie bepaalt of iets kunst is trouwens? In de kunstwereld wordt hoogdravend over kunst gesproken en er gaat veel geld in om. Heel veel geld. Onberispelijke lieden in dure pakken, mantelpakken. Glimmende schoenen, hoge hakken. En veel moeilijke woorden. Veel uitleg. En als je het snapt hoor je er bij. Een wereldje.
 Je kunt extra geraakt worden als je ziet hoe vernunftig iets bedacht, gemaakt is. Maar in de eerste plaats moet kunst je raken. Je van je stuk brengen, je irriteren, je aan het denken zetten. Je ontroeren mag ook. De kunst behoort toe aan het volk en door het volk begrepen te worden, een krantenknipsel dat ik in de weecee in een cafe in Amsterdam ooit las. Ik heb het overgeschreven op een papiertje en het jaren lang in mijn agenda bewaard. Ik vraag me nu af waarom eigenlijk. Ik denk dat het komt omdat ik een hartgrondige hekel heb aan neerbuigendheid. 

een balk blijft een balk


Sometimes you win, sometimes you loose. “Wonderjaar Zonderland is compleet”, lees ik in de krant. “Een zoon, een bul, en een gouden medaille”. Een paar pagina’s verder: “Ik zat er helemaal naast”. En dat zegt Sanne Wevers na haar desastreus verlopen finale op datzelfde wereldkampioenschap in Doha.

Topsport. Dag in dag uit oefenen. Een streng dieet. Een streng levensritme. Alles tot in de puntjes voorbereiden. Niets aan het toeval overlaten. Je afsluiten. Alles buitensluiten. En dan, je taak, zo noemt ze het uitvoeren. Dan kan het niet mis gaan. Okee, je concurrenten kunnen beter zijn. Dan kun je er niets aan doen. Maar.

Het leek goed te gaan. De concurrentie maakte veel fouten. “Ik voelde me goed, was niet afgeleid, had er heel veel zin in”. Als er ooit een kans was om de wereldtitel te winnen dan. 

En dan val je van de balk. Ze zat er scheef op, een fout die ze in geen tijden gemaakt had. Zevende werd ze. Geen tranen, geen deur die dicht gesmeten wordt, geen vingertje naar, geen zelfverwijt. Ingehouden emotie. “Ik ben heel teleurgesteld, maar de wereld vergaat niet. Ik besef dat dit een kans was. Als ik terug ga naar de trainingshal en mijn werk weer doe, gaat er weer een kans komen. Het is een hele grote domper, maar het hoort bij de sport”. 

Een stoer wijf Sanne Wevers, een topvrouw. 

Citaten uit Trouw

Foto RTV Oost. 

ga terug

Op de Removoskalender van Mond- en Voetschilders stonden de woorden in het handschrift van mijn moeder: ga terug. Tussen ” bloedprikken, Kapper, mevrouw van Bladeren”, stond het gekrabbeld. Ik wist precies waar die woorden op sloegen. Ik was er bij. In de kerk. In Hoogeveen. Ik ging regelmatig met haar mee op de zondagmorgen. Vaak naar het kerkzaaltje bij het ziekenhuis, dat was gezelliger, maar als Zijlstra preekte gingen we naar de kerk. Dominee Zijlstra was een begenadigd spreker en hij had een heel bijzondere manier om de aandacht vast te houden. Hij nam vaak een voorwerp mee, waarmee hij bereikte dat je nooit meer vergat wat hij wilde zeggen. Een bezem, een juk en een keer een haardroger uit een kapperszaak, waardoor ik nooit vergeten ben dat als je het te heet wordt, je aan de kapster moet vragen of die wat zachter gezet kan worden. Misschien voor de hand liggend, makkelijk, goedkoop maar het effect is wel dat ik het nooit vergeten ben. Dat van “ga terug”, was een film van een ridder die hij liet zien. De ridder dreigde weg te zakken in het moeras, toen een man aan de kant hem toe riep: “ga terug!” Ook die boodschap is en blijft helder: als het te gevaarlijk wordt, kun je teruggaan, het is niet nodig “er door heen te gaan”, of ” de strijd aan te gaan”. Als je ten onder dreigt te gaan, ga terug!

Terug gaan, niet terug komen, zoals Spinvis, geciteerd in het motto van Vele Hemels boven de Zevende, van Griet op de Beeck: reis ver, drink wijn, denk na, lach hard, duik diep, kom terug. Leef, durf te leven, ga. Maar kom terug. Terug gaan, omdraaien, op weg gaan naar waar het veilig, vertrouwd, gekend is. Teruggaan, terugkomen soms is het hetzelfde.

Voor de vakantie dreigde mijn kleinzoon te blijven zitten. Wiskunde was de bottleneck. Op het laatste nippertje ging hij kantje boord over. Ik gaf hem de raad het boek van de eerste klassen in de vakantie van het begin af aan te gaan bestuderen. “Ga terug naar het hoodstuk wat je nog snapte. Doe iedere dag van de vakantie een uurtje om de oude stof door te nemen. Anders blijf je hannesen met die wiskunde.” Hij antwoordde dat de andere oma dat ook al had gezegd. “Maar dat ga ik echt niet doen oma”. 

Foto: Jo Polak.