schone handen 


Heb je je handen al gewassen? Hoe vaak heb ik het als kind niet gehoord. Onbestaanbaar dat ik aan tafel ging zonder het  ritueel. Inzepen, inwrijven, afspoelen, afdrogen, mouwen omlaag en aan tafel. Mijn kleindochter hoort het ook van haar moeder. Gek genoeg doet haar moeder het zelf niet altijd. En ik ook niet als ik eerlijk ben. Na een bezoek aan het toilet, dan wel. Op een cursus buitenlands koken viel me op hoe vaak de Syrische cursusleidster haar handen waste onder het koken. Waarom wast een mens zijn of haar handen? Om het vuil af te wassen, om schone handen te hebben. Om de ander, het andere niet te vervuilen, te besmetten. “Vuile handen maken”  is een uitdrukking die er naar verwijst. Als je actief bent kom je er vaak niet onderuit dat je vies wordt. De uitdrukking “je handen wassen in onschuld”, is ook zo’n uitdrukking waarin onze handen worden gelinkt aan vuil, viezigheid, schuld, die we van ons af willen schudden. Schone handen willen we. 

Handen. Handen zeggen veel. Ik kijk altijd naar de handen van mensen. Hou van handen. Krachtige handen. Grote sterke handen. Werkhanden. Verzorgde handen. Levendige handen. Ogen zijn de spiegel van de mens. Handen ook. 

Handen kunnen slaan. Handen kunnen besmettelijke ziektes doorgeven. Zoals ze ook warmte kunnen geven. Liefde. Elkaar geen hand geven. Niet de hand vast kunnen houden van de ander. Wat een bizarre tijd maken we mee. 

zelf gekozen einde


Een golf van oooh’s en aaah’s gaat door de bus. Daar is hij. De leeuw! En het is er niet 1, het is een complete familie. Moeder, vader en 4 jonkies. Ze dartelen over elkaar en de moeder die aan de rand van het water ligt. Vader ligt onbeschaamd met zijn volgevreten buik een eindje verderop in een diepe slaap. Een van de jonkies gaat heel voorzichtig om de slapende vader heen. “Zal wel een mannetje zijn”, zegt de gids. Ademloos genieten we van de speelse welpen, die over elkaar heen buitelen en zelfs heel voorzichtig door het gras onze richting in komen.

: Schotia Private Game Reserve in Zuid Afrika, een wildpark waar je er zeker van bent dat je wilde dieren gaat zien. Olifanten, giraffes, neushoorns, bokken, zebra’s, noem ze allemaal maar op. We hadden er al veel gezien, maar dit was het hoogtepunt. De leeuw! En zie daar een complete familie. In alle rust kunnen we ze observeren. Een zucht van blijdschap en ontroering. 

En dan zie ik het pas. Daar links, wat verder weg, ligt nog een leeuw in het gras. De gids wijst er op. Het is de vader van de leeuw rechts. De opa van de kleintjes. Ooit was hij oppermachtig, de lion king van het gebied. Zijn zoon, de leeuw die daar languit ligt te slapen, heeft zijn rol overgenomen. De voormalige lion king ligt te sterven. Geen schoondochter of zoon die hem nog een stukje vlees komt brengen. Geen kleinkind dat hem nog een aaitje geeft. Geen blik wordt hem nog gegund. Op de foto’s zie je pas goed hoe mager hij al is. De gids verwacht dat hij hem in de komende week dood zal aantreffen en dat de aasgieren hun werk zullen doen. “Wat erg!” Wat zielig”, wordt er geroepen. “Nee”, zegt de gids, ” dat is de natuur, zo gaat het in de natuur”. 


 Foto’s Trudy Satink en Hans Wammes

geluk


Ik heb een mooie reis gemaakt. Een verre reis. Naar een mooi land. Met een kleine groep aardige mensen. Een vrolijke gids.  Een vriendelijke chauffeur.

 Gister ben ik thuis gekomen. Het was een warm welkom. Op het vliegveld. Op het station. In mijn heerlijke huis. 

Vanmorgen zette ik de muziek van Stef Bos op. Met de taal van dat mooie land. En ik dacht terug aan de mooie momenten. De momenten van geluk. Toen we in alle rust door het stille verlaten landschap reden. Het blauw boven de bergen. Het groen langs de weg. Toen iemand muziek opzette. Toen we allemaal bewogen waren om dat moment. Toen ik zag dat iemand tranen wegveegde. Toen. En later weer. Momenten van geluk. Omdat de natuur zo prachtig gemaakt is. Omdat mensen zo hartelijk zijn. Omdat we zo vreselijk moesten lachen. Omdat de zon alles zo mooi maakt, je zo verwarmt. Omdat het leven goed is. 

Na een paar weken is het ook heerlijk om naar huis te gaan. Niet dat gekakel van mensen om je heen, niet in alle vroegte eruit, niet uit de koffer leven. Weer op je eigen weeceetje, je eigen douche, je wasje draaien. Naar huis. Thuis.

“Het” geluk bestaat niet. Momenten van geluk wel. Je zou het geluk vast willen houden. Maar dat kan niet. Je kan het enigszins terughalen, door er aan terug te denken, er over te vertellen, maar het moment, het intens beleefde moment is voorbij. Wel zijn er de herinneringen. Die bewaar ik. Als een kostbare schat. Ik bewaar ze dicht bij mij. En rol ze. Als een mooie bruine steen in de palm van mijn hand.

  Zie ook: http://www.reisnaarafrika.nl of facebook.com/reisnaarafrika.nl

storm


Er zijn mensen die er gek op zijn. Op wind. Op storm. Tegen de wind in fietsen. Uitwaaien. Ik niet. Het maakt me onrustig. Dat geklapper, dat geraas, dat gewapper. Ik slaap er ook slecht op. Ik ben niet het type dat lekker slaapt met de wind om het huis. 

Vanmorgen een inspectie in de tuin. Gek genoeg viel het mee. Paar dingen van de muur gewaaid en verder alles op zijn plaats gebleven. Ook tijdens de ochtendwandeling nauwelijks heftige zaken. Takken op de grond, een omgewaaide boom, een weggewaaid zeil. Het klinkt angstaanjagender dan het is. Het ziet er van achter het raam bedreigender uit dan het is. 

Waar ik me altijd weer over verbaas is de steen op het zuiltje bij mij in de tuin. Die ligt er los op. In de tijd van de verhuizing is het kunstwerk dat op het zuiltje stond gestolen. Het was er bovenop geplakt met de sterkste lijm die er bestaat, maar dat had niet geholpen. Het beeldje was er vakkundig af gehaald. In eerste instantie had ik het zuiltje weer in de tuin gezet met de bedoeling er een ander kunstwerkje op te zetten. Gewoon zo maar legde ik de bruine steen uit mijn stenenverzameling er op. Een hele gave steen met een mooie vorm, diep bruin. Het viel eigenlijk wel goed uit. Ik plakte hem niet vast maar legde de steen op een klein stukje glas waardoor het lijkt of hij boven de zuil zweeft. Hoe hard het ook waait, die steen blijft keurig op zijn plaats. Leg me dat maar eens uit. Het zal wel met zwaartekracht te maken hebben. Mij geeft het vertrouwen. En ik moet denken aan het gedicht van Emily Dickinson. 

:Hoe gelukkig is de kleine Steen Die langs de Weg zwerft heel alleen, Die om geen Carrières geeft En voor zijn noden nimmer vreest – Zijn jas van elementen-Bruin Deed een terloops Heelal hem aan En onafhankelijk als de Zon Verbindt hij zich of gloeit alleen, Vervult een absoluut Decreet In en passante simpelheid-

Emily Dickinson: De Eenling En De Velen. Gedicht 1510. Vertaling en interpunctie Elly de Waard

10 februari 2020, de dag na Storm Ciara

gewonnen 

Wie ben jij. Wat heb je meegemaakt. Waar kom je vandaan. Waar ga je naar toe. Wie zal je zijn als je later groot bent.

Fotofraaf Eddy van Wessel won zaterdag de Canon Zilveren Camera van 2019 voor zijn fotoserie “Het laatste bolwerk”, over de uittocht van de laatste IS-strijders en -vluchtelingen door de woestijn richting Al-Hol, het kamp waar de laatste IS-strijders nog terecht kunnen. Exodus anno 2019. De foto hierboven is één van de twaalf. Eddy Wessels noemde deze foto zijn favoriet. Omdat het altijd kinderen zijn die de hoogste prijs betalen voor de oorlog van de grote mensen. En ook omdat hij weet dat juist het beeld van een kind mensen wakker zou kunnen schudden. Als oorlogsfotograaf weet hij dat rapporten, woorden, overleggen niet op kunnen tegen één rake foto. Zoals de foto van het Vietnamese meisje Kim Phuc rennend uit de napalmregen, zoals het jongetje aangespoeld op het strand in Zuid Europa. Die foto’s zorgden voor een ommekeer in de discussies. Wessels ziet dat als zijn missie. “Door de menselijke kant in beeld te brengen hoop ik dat er meer begrip voor elkaar ontstaat”. 

Toch heeft het ook iets ongemakkelijks. Een prijs winnen met een foto over de oorlog. Is een foto van misbruikte IS-kinderen ook niet een soort van gebruiken?  Hapjes en drankjes, mantelpakjes en deftige heren op een receptie. Op de achtergrond de vreselijke beelden. Past het wel? Okee de prijsuitreiking levert weer belangstelling op voor een “hete” kwestie. Zal meehelpen het debat opnieuw aan te slingeren. En laat ik eerlijk zijn: is ook de aanleiding tot het schrijven van dit stukje. Maar die hapjes en drankjes. Die deftige dames en heren. Die vrolijkheid om de overwinning. Nee. Dat kan anders. Soberder. 

niet vergeten


Ze zouden alles achter zich laten. Alles vergeten wat ze hadden meegemaakt. Nooit meer over praten. Het leven in. De toekomst tegemoet. De vrijheid. Werken aan een betere wereld: Marga van der Kuit en haar vriendinnen. Zojuist bevrijd. Kamp Ravensbruck overleefd. Het vrouwenkamp. 

Op het tv-scherm vertelt ze. Dat ze dat heeft gedaan. Zoveel mogelijk. Als Orpheus. Niet omzien, maar vooruit. De toekomst tegemoet. Ze kan tevreden zijn. Een gelukkig huwelijk. Een kind. Een mooie carrière als journaliste, schrijfster. Van alles gedaan. Een luxe huis met alles erop en er aan. Welgesteld. Met haar 97 jaar ziet ze er nog prachtig uit. Sprekende ogen, een heldere stem, een goed lijf dat nog maar kort geleden gestopt is met golfen. Maar het verleden haalde haar in. Vlak na de oorlog en alle jaren er na iedere dag. Drong zich aan haar op. In haar gedachten, in haar dromen, in haar lijf. Een zwart gat in mij. Vaak heb ik kunnen verdringen, maar ergens in mij bleef het altijd aanwezig.

Deze maand verscheen het boek over haar leven. “Mijn naam is Selma”. Haar echte naam. Selma van der Perre. Opdat wij niet vergeten. Hoe erg het was. Hoe onbeschrijfelijk wreed de mens kan zijn. Haar neefjes zeiden dat ze het op moest schrijven. Het is een indrukwekkend boek geworden. En haar optreden in “De Wereld Draait Door” was onvergetelijk. 

Dit weekend bood Premier Mark Rutte zijn excuses aan namens de regering voor het overheidshandelen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een historisch moment. Dankzij de medewerking van de ambtenarij en de Spoorwegen bijvoorbeeld konden de bezetters makkelijk hun vreselijke werk doen. En hoewel het soms lijkt of in Nederland veel verzet werd geboden moeten we erkennen dat er regelmatig verraad werd gepleegd. En vooral weggekeken. Na de oorlog was de ontvangst van de terugkerende Joden ronduit beschamend. Goed dat Rutte dat openlijk heeft toegegeven en er zich voor heeft verontschuldigd. De Joodse gemeenschap reageert ontroerd en verheugd.

Vandaag herdenken we dat 75 jaar geleden Auschwitz werd bevrijd. Daar kwam ook de vader van Selma om. Ze heeft het nooit aangedurfd het kamp te bezoeken. De gedachte hoe haar vader daar is omgebracht is te pijnlijk. Ze vraagt zich vaak af  of hij in zijn laatste ogenblikken nog aan haar gedacht heeft. Zoals ze hoopt dat haar moeder het handje van haar zusje Clara vast hield toen ze werden vergast in Sobibor.

Omkijken, herdenken is goed. Om recht te doen aan het leed en verdriet van mensen, van generaties die het leed en de pijn hun leven lang met zich meedragen. Erkenning van de onverschilligheid, de onmacht, de lafheid van de mens. 

* Aanvulling 22/10/25: 20 oktober 2025 overleed verzetsvrouw Selma van de Perre in Londen. Ze was 103 jaar oud.

blosjes

Mea kon liegen of het gedrukt staat. Met heldere vriendelijke ogen kon ze iets vertellen dat niet waar was. Ze kon ook blozen. Dat stond haar heel charmant. Ze bloosde niet als ze loog. Daar schaamde ze zich niet voor blijkbaar. Want je bloost als je je ongemakkelijk voelt. Omdat je liegt bijvoorbeeld.

Blozen is een bijzonder verschijnsel. De mens is het enige wezen op aarde dat bloost. Ook apen blozen niet. “Blozen ontstaat door een verhoogde bloedtoevoer naar het hoofd. Vaak kleuren ook andere delen van het lichaam rood. Blozen gaat vaak gepaard met het gevoel het warm te hebben.” ( Wikipedia) ” Blozen is een normale reactie van het lichaam, meestal uitgelokt door een stresssituatie”. ( Huidhuis). Vervelend is dat het je overkomt, het je verraadt, dat je niet kunt verstoppen wat er binnen in je gebeurt. Je kunt doen doen alsof je boos bent, of aardig, of vriendelijk, maar het niet zijn. Maar blozen verraadt iets dat je wel bent: geraakt door een compliment, onzeker, omdat je liegt, je betrapt voelt, onhandig bent, ongemakkelijk, omdat je je schaamt. Even uit evenwicht.

Later ontmoette ik Mea als volwassen vrouw. Zo maar ergens in de stad. Zij herkende mij meteen. Ik moest lang nadenken wie ze ook weer was. We besloten samen ergens iets te drinken. Ze was een aantrekkelijke vrouw geworden. Charmant, vriendelijk. En raadselachtig. Belangstellend hoorde ze mijn verhaal aan. Bevestigde, complimenteerde. Zij vertelde ook. Wat ze deed, waar ze woonde, met wie ze was. Op een bepaald moment bloosde ze. Even. Heel kort. Ze wreef heel snel over haar wangen om het te verdoezelen. “Waarom bloos je nou?”, vroeg ik. “Ik bloosde niet joh”, zei ze met een stalen gezicht. Liegen kon ze nog als de beste. Ik wist het weer. En blozen. Gelukkig maar. Het maakte haar mooi.

schaamte


Dit weekend kwam de allerlaatste nieuwjaarswens binnen. Een originele. Zoals ieder jaar van een familie uit Amsterdam. En zoals ieder jaar na de feestdagen. Er zat een toelichting bij. Een artikeltje uit de krant: In het jaar 2019 was -schaamte- het woord van het jaar. Gekozen door het Genootschap Onze Taal. “Schaamte is een veelvuldig gebruikt achtervoegsel geworden. Als voorbeelden: vliegschaamte, babyschaamte, bezorgschaamte en vleesschaamte.” De Amsterdamse famile had in de keuzeschijf nog een paar andere toegevoegd: netflixschaamte, snackbarschaamte, instaschaamte, huiswerkschaamte, bankhangschaamte. En Trumpschaamte, ik neem aan dat daar mee bedoeld wordt dat je af en toe iets positiefs over Trump denkt maar niet hardop durft te zeggen. 

Kun je alles zeggen wat je denkt? Wanneer wel? Wanneer niet? Denk ik na over wat ik schrijf? Of het kan? Schaam ik me voor wat ik eigenlijk wil zeggen? Waarover, waarvoor schaam ik mij? Durf ik schaamteloos te zijn? En moet dat eigenlijk? Ik weet het niet precies. De Amsterdammers wensen mij een schaamteloos leuk, sprankelend, sportief en gezellig nieuwjaar. Die wens geef ik door. Laten we schaamteloos vrij zijn. Niet gelijk roepen, oh, en ahhh, dat kan toch niet. Durf anders te zijn. Durf apart te gaan staan. Durf  buitenstaander te zijn. Verras, shockeer, wees brutaal. Schatplichtig aan Meneer Aart: dring voor, geef anderen de schuld, zeg geen sorry, pak het grootste stuk taart: “Wees niet braaf!”

Bij het overlijden van Aart Staartjes 12/01/2020, de aartsvader van de kindertelevisie, bekend van Woord voor Woord, De Stratenmaker op Zeeshow,  De Film van ome Willem, Het Klokhuis en Sesamstraat. 

jongetjes met vuurwerk

Ik had er ook twee. Jongetjes met vuurwerk. Helemaal gek in de kop. Begin december begon de koorts. Die eindigde op de laatste dag van december. Opgelucht haalde ik daarna adem. Als ze op 1 januari weer tevreden in hun bedjes lagen. Als de dozen en papiertroep was opgeruimd. De straat was aangeveegd. Gelukkig Nieuwjaar. We hadden het overleefd. Ze hadden het overleefd. Ik had ze nog. Twee zonen. Heel. Geen schade veroorzaakt. Gerust het nieuwe jaar in. Tot het eind van het jaar dat komt. Dan zal het weer opsteken. De vuurwerkkoorts. 

Op oudejaarsavond gooiden twee zulke jongetjes vuurwerk in de hal van een flatgebouw. Er ontstond brand. Een gezin dat in de lift stond kwam in de giftige rook terecht. Vader en zoon overleefden het niet. Moeder en kind zwaar gewond in het ziekenhuis. Een golf van emoties ging door het land. Ook ik stelde me voor hoe het is om in een lift te staan waar je niet uit kunt en waar giftige rook je de adem beneemt. Gruwelijk. 

En ik denk aan de twee jongetjes. Ik denk aan de ouders van de twee jongetjes. Hoe je de pech kunt hebben dat van al dat afgestoken vuurwerk, jouw knal zo kan eindigen. Hoe van alle vuurwerkafstekers op Oudejaarsdag uitgerekend jouw knallers zoiets veroorzaken. Hoe het leven van twee jongetjes voor altijd anders zal zijn. 

Zijn de jongetjes criminelen? Zijn de ouders slechte opvoeders? Ik zou het niet durven zeggen. Mij is het niet gelukt mijn kinderen er van te overtuigen hoe gevaarlijk het is: vuurwerk. Niet genoeg gezag om het te verbieden. Maar een beetje weggekeken. En er zonder kleerscheuren door heen gerold. Vuurwerk wettelijk verbieden dan maar? Ik zie het nog niet gebeuren. Ik zou wel eens willen weten waar het vandaan komt: vuurwerkkoorts. Ik zou het niet weten. Ik heb het helemaal niet. Nooit gehad. Hoe kom je er aan. Hoe kom je er van af. Iemand een idee? 

eerlijk zullen we alles delen

Een berichtje ergens op de pagina Economie. De 500 rijksten van de wereld kregen er in 2019 1,07 biljoen bij. Wat is een biljoen eigenlijk? Een miljoen is een getal met 6 nullen, een miljard is 1000 miljoen, een getal met 9 nullen. Een biljoen is 1000 miljard een getal dus met 12 nullen. : 1000.000.000.000. Ergens anders in de krant: Op de wereld zijn 800 miljoen mensen ondervoed. Een rekensommetje: Als de 500 rijksten hun bezit van 5,5 biljoen zouden verdelen over 800 miljoen mensen in armoede zouden die per persoon 7000 euro hebben, per gezin een inkomen van ongeveer 30.000 euro. Weg armoede. Misschien te makkelijk gedacht? Misschien. Maar ik snap niet dat al die knappe koppen, die slimme aardbewoners, die grotewoordenpraters met elkaar niet in staat zijn een oplossing te bedenken voor het armoedeprobleem. Want onder die 500 rijksten zit een grote groep superrijken en daaronder rijken, en daar weer onder goedverdienenden en daaronder wij met een gemiddeld inkomen. Waarom niet eerlijk zullen we alles delen? Er is genoeg voor iedereen. Dus delen we samen.

Zou toch moeten kunnen denk ik. Een ideaal. Een droom. En er zijn lichtpuntjes. Er zijn mensen die het gewoon doen. Op hun kleine postzegel. Maar gelukkig ook in de grote mensenwereld. In 2019 de Nobelprijs voor Economie voor Esther Duflo en haar partner, economen die een toaal andere economie voorstaan. En in eigen land Paul Polman van Unilever. Hij zegt: “Hele mensen zijn rijk ten bate van de ander, halve mensen zijn rijke mensen ten koste van een ander”. En: “Bedrijven die er alleen zijn om geld te verdienen hebben geen bestaansrecht”. Goed Polman moest het veld ruimen dit jaar. Maar de toon is gezet. Hij is niet de enige. Het tweede decennium van de 21e eeuw is begonnen. The times they are a changing. Happy new year! Voor jou, voor mij,  voor iedereen!